Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts maakt opnieuw bijkomende middelen vrij om de coronafactuur van het buitengewoon onderwijs, de CLB’s en onderwijsinternaten op te vangen. Er is extra steun voor de medewerkers die bij de CLB’s instaan voor contactopsporing, voor begeleiders die waken over het leerlingenvervoer en voor de opvang van kwetsbare leerlingen. “Deze extra middelen maken het mogelijk om de scholen open te houden en om zorg te blijven dragen voor de leerlingen die dat het meeste nodig hebben”, zegt Weyts.

Diverse instanties leveren grote inspanningen om de scholen open te houden voor alle leerlingen. De bijzondere coronamaatregelen brengen echter extra kosten met zich mee. Zo hebben de CLB’s de contactopsporing binnen het onderwijs op zich genomen: een tijdsintensieve taak die essentieel is om de scholen open te kunnen houden.

Er zijn ook 150 extra busbegeleiders aangeworven. Zo kan men het leerlingenvervoer van het buitengewoon onderwijs vlotter organiseren volgens alle geldende coronamaatregelen. Er is tevens opvangcapaciteit voorzien voor de meest kwetsbare leerlingen. In geval een school moet sluiten of een klas in quarantaine moet.

Ben Weyts (N-VA): “Deze mensen verdienen niet alleen extra middelen, maar ook erkenning”

Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts maakt nu € 7,6 miljoen bijkomende middelen vrij om de coronafactuur van het tweede trimester op te vangen. Ruim de helft van dat bedrag, zo’n 4,6 miljoen euro extra gaat naar de CLB’s, voor de contactopsporing binnen het onderwijs. Verder is ook een bedrag van ongeveer 1,3 miljoen euro extra voorzien voor 150 extra busbegeleiders in het buitengewoon onderwijs.

En tenslotte gaat er ook nog € 1,7 miljoen extra naar de onderwijsinternaten, de internaten met permanente openstelling (IPO’s) en de medisch pedagogisch instituten (MPI’s) waar kwetsbare leerlingen opgevangen worden als de school sluit. Het gaat dan bijvoorbeeld over leerlingen met een handicap of een problematische thuissituatie.

“Er wordt keihard gewerkt in de CLB’s, in het leerlingenvervoer en in de internaten. Deze mensen verdienen niet alleen extra middelen, maar ook erkenning. Als we erin slagen om de scholen maximaal open te houden en om zorg te dragen voor de kwetsbaren, dan is het dankzij hen”, besluit Weyts.