Een tweet van minister van Justitie Vincent Van Quickenborne (Open Vld), waarin hij schrijft dat hij “dacht dat N-VA geen probleem heeft met aanzetten tot haat”, zet kwaad bloed bij N-VA’ers. De tweet, waarvan erkend wordt dat die “scherp geformuleerd” was, moet volgens een woordvoerder in de context van de N-VA-kritiek op het voorstel van de minister, om haatspraak meer te vervolgen, gezien worden.

N-VA-medewerkster Caroline De Bruyn deelde een TikTok-filmpje op Twitter, waarin een moslimjongere zegt dat hij homo’s en lesbiennes “weg” zou willen. “Ik mag erop rekenen dat [minister van Justitie] Vincent Van Quickenborne deze online haatspraak zal aanpakken”, vraagt De Bruyn.

“Dacht dat N-VA geen probleem heeft met aanzetten tot haat”

Het daaropvolgende antwoord van Van Quickenborne zette kwaad bloed bij vele N-VA’ers. “Leg gerust klacht neer”, tweet de minister. “Als het valt onder ‘aanzetten tot haat en geweld’ dan kan er vervolgd worden.” Daarop deelt hij een sneer uit naar de N-VA: “PS: dacht dat N-VA geen probleem heeft met aanzetten tot haat? Of zijn jullie opnieuw van mening veranderd?”

“Ik durf bijna niet geloven dat u zo reageert”, reageert De Bruyn. “Eigenlijk triestig dat u er iets politiek van maakt.” Ze krijgt bijval van andere N-VA’ers, waaronder Kamerlid Theo Francken. “Amai zeg, wat een niveau voor een minister van Justitie”, schrijft Francken.

(Lees verder onder de tweet.)

“Scherp geformuleerd”

De tweet, waarvan erkend wordt dat die “scherp geformuleerd” was, moet volgens de woordvoerder van de minister van Justitie in de context van de N-VA-kritiek op het voorstel van Van Quickenborne, om Grondwetsartikel 150 te hervormen, gezien worden. Het voorstel stuitte op verzet bij de rechtse oppositiepartijen N-VA en Vlaams Belang, die een beknotting van de vrijheid van meningsuiting vrezen. 

Van Quickenborne pleit er al enige tijd voor Grondwetsartikel 150, dat bepaalt dat drukpersmisdrijven voor assisen moeten worden berecht, aan te passen. Zo’n drukpersmisdrijf heeft eveneens betrekking op opinies die op sociale media worden geuit. Doordat berichten die aanzetten tot haat en geweld op sociale media bijgevolg vaak onbestraft blijven – de procedure voor assisen is omslachtig, wil de minister van Justitie dat deze ook voor de correctionele rechtbank komen.

Dat is bijvoorbeeld al het geval voor misdrijven ingegeven door racisme, xenofobie of negationisme. “Een oproep op Twitter om joden te vergassen wordt momenteel makkelijk bestraft, maar een oproep om bijvoorbeeld homo’s te vergassen niet”, klinkt het op het kabinet van Van Quickenborne.

1 REACTIE