Ik was nooit een fan van Trump. Kort na zijn verkiezing heb ik in enkele columns de mogelijkheid in twijfel getrokken dat zijn persoonlijkheid een rechts of een zelfs een maar enigszins samenhangend beleid zou toelaten. Ik had zijn persoonlijkheid vrij juist ingeschat, denk ik, maar heb me volledig vergist in het beleid dat daaruit ging volgen.

Een van de voorbeelden die ik toen aanhaalde was de vergelijking tussen de oude Trump, die regelmatig openlijk steun betuigde voor Amerikaanse interventies in het Midden-Oosten, en de nieuwe Trump, de politicus, die deze tussenkomsten veroordeelde. Dit leek op een man die vooral bezig was om gemakkelijk politiek te scoren op de povere resultaten van het buitenlandbeleid van zijn voorgangers. Vandaag hebben zelfs zijn fanatiekste critici het nu niet gemakkelijk om zijn successen in het bewerkstelligen van stabiliteit in het Midden-Oosten, het kruitvat van de wereld, te ontkennen. Trumps persoonlijkheid bleek daarvoor geen hinder, maar had een belangrijk aandeel in die verwezenlijkingen.

No nonsense

Het probleem van het westerse buitenlandse beleid sinds het einde van de Koude Oorlog is de pretentie van altruïsme. We denken de wereld te verbeteren, maar de rest van die wereld ziet hypocrisie, de opdringerigheid van links-liberale waarden en de culturele onzekerheid van een beschaving op zijn retour. Trump heeft gebroken met die traditie. Hij doet aan buitenlandse politiek zoals hij aan zaken doet, zonder liefdadigheid, maar heel duidelijk voor degenen met wie hij onderhandelt.

Zijn buitenlands beleid is onbeschaamd gestoeld op het verdedigen van de Amerikaanse belangen. De andere landen vinden dat vaak niet fijn, maar begrijpen en respecteren dat, omdat ze zelf op dezelfde manier aan buitenlandpolitiek doen. Daarom ook behaalt de no-nonsenseaanpak van Trump meer resultaten dan de OneWorld-retoriek van de EU en zijn presidentiële voorgangers. De recente voordracht van de Amerikaanse president door een Noors en een Zweeds parlementslid is niet zo gek als velen lijken te denken.

In 2018 werd Trump trouwens al een eerste keer genomineerd, toen hij deed waar niemand eerder in slaagde: hij bracht de Noord-Koreaanse communistische despoot Kim Jong-un aan de onderhandelingstafel. De Zuid-Koreaanse president vond toen al dat Trump de Vredesprijs verdiende. De onderhandelingen werden weer afgebroken, maar de spanningen tussen het noorden en zuiden zijn afgenomen, er zijn weer diplomatieke contacten en het nucleaire moratorium houdt stand. Het is meer dan waarschijnlijk dat Trump daarvoor ook al door de Japanse premier Abe is voorgedragen voor de Nobelprijs voor de Vrede.

Kamp kiezen

Het meest recente succes is Trumps bemiddeling in het samenbrengen van Kosovo en Servië, bittere vijanden sinds de Kosovo-oorlog van 1998-1999. Vorige week resulteerde dat in een economische akkoord. De EU reageerde zuur op het Amerikaanse succes in de eigen achtertuin.

Een opvallend onderdeel van die overeenkomst is de toezegging van beide landen om hun ambassade in Israël naar Jeruzalem te verhuizen. Kosovo is het eerste islamitische land dat dit zal doen. Voor Trump is dat een opsteker, want toen hij in 2017 de moedige beslissing nam om de Amerikaanse ambassade naar die stad over te brengen, kwam er heel veel kritiek. Ook de Palestijnen blijven de stad immers opeisen. De EU en de pers reageerden boos en voorspelden een heroplaaiing van het geweld in de regio.

Precies het omgekeerde gebeurde. Trump maakte met die zet duidelijk dat er geen misverstand moet bestaan over de vraag aan welke kant hij staat: die van Israël. De Arabische wereld heeft meer respect voor dit soort duidelijkheid dan voor de moraliserende tweeslachtigheid van de EU. Voor de moslims in de regio zijn westerlingen sowieso de bondgenoten van de Joden. Als de EU kritiek geeft op Israël, zien ze dat alleen als een teken van zwakheid en als een bevestiging van de gegrondheid van hun haat voor dat land.

Er is een nieuwe sheriff

Ook toen Trump de Iraanse kolonel Soleimani, sponsor van terrorisme over heel de wereld, uitschakelde, kwam er kritiek van de EU en voorspelden de vaste commentatoren een escalatie die tot oorlog zou leiden. Alweer gebeurde het omgekeerde. Iran mocht enkele dagen “Hou mij tegen of ik doe een ongeluk” roepen en kroop daarna in zijn hok.

Syrische leider Assad heeft ook al gemerkt dat een nieuwe sheriff is aangekomen. Obama voer nog een koers van steun aan de ‘gematigde’ rebellen, maar gaf een sublieme demonstratie van westerse lafheid en onbetrouwbaarheid door niet op te treden toen Assad gifgas tegen hen inzette. De president had nochtans expliciet gedreigd met Amerikaanse vergelding indien de ‘red line’ van het gebruik van chemische wapens zou worden overschreden.

Wanneer Assad het opnieuw deed in 2018, voerde Trump de belofte van zijn voorganger uit en schoot meer dan 100 raketten af op Syrische doelwitten. Ook Assad wist nu waar hij aan toe was: een Amerikaanse president die wel niet van plan was nog veel tussen te komen in zijn land, maar die je best niet teveel uitdaagt.

Trump is de eerste president in 40 jaar die de VS in geen enkele nieuwe oorlog heeft betrokken en deed dat zonder Amerikaanse geloofwaardigheid op te offeren. Het is nog niet zeker dat dit op termijn de beste koers zal blijken, maar momenteel kan men niet om die verwezenlijking heen.

Resultaten Trump

De bekroning van de nieuwe aanpak is uiteraard de toenadering tussen Israël en verschillende Arabische landen. Trump stopte met de utopische aanpak van vriendschap van allen voor allen, die nog steeds door de EU wordt gehuldigd, en plaatste een Soenni-Iraëlisch blok tegen het Sjiitische kamp van Iran. De resultaten daarvan beginnen binnen te lopen. Op 13 augustus waren de Verenigde Arabische Emiraten het eerste Arabische land dat de relaties met Israël normaliseerde. Bahrein volgde kort nadien. Saoedi Arabië is officieel nog niet zo ver, maar het is duidelijk dat er een toenadering met Israël bezig is. De recente beslissing om civiele vluchten op Israël over Saoedisch grondgebied toe te laten is meer dan een detail.

Dat Trump, een politieke vechtjas die in alles wat hij doet het tegendeel van diplomatisch is, opmerkelijke diplomatieke successen boekt in het bewerkstelligen van vrede, veroorzaakt bij velen een cognitieve dissonantie. Zij moeten de mogelijkheid overwegen dat het precies zijn kordate, brute stijl is, die schijnbaar onoplosbare impasses doorbreekt.

Verdient Trump de Nobelprijs voor de Vrede? Alvast meer dan de vorige Amerikaanse president. Hoewel Obama slechts één jaar aan de macht was kreeg hij in 2009 die prijs omwille van zijn “buitengewone inspanningen om de samenwerking tussen de volkeren te bevorderen”. Niet op basis van enige resultaten dus, maar omwille van “inspanningen”. De werkelijke reden was de toespraak van Obama in Kaïro (‘New Beginnings’), waarin hij de hand van Amerika uitstak naar de Islamitisch wereld. Obama was heel goed in toespraken, maar in niet veel meer. Trump boekt resultaten.