Vinnie, een jobstudent in Blankenberge, beschreef de herrieschoppers op het strand als “Franstalige jongeren”. Of hij die beschrijving zelf uitvond, dan wel of die een beetje werd opgeschoond door de Gazet van Antwerpen, weet ik niet. Wat ik wel weet is dat de pers er gisteren alweer collectief in slaagde om de olifant in de kamer te negeren: de relschoppers op het strand van Blankenberge waren in grote meerderheid allochtone jongeren, vooral uit Brussel.

Degenen die in Oostende voor problemen zorgen beschreef Bart Tommelein vorige week nog als “het grootstedelijke publiek” en “jongeren uit de Brusselse regio”. In de berichtgeving over de rellen van Blankenberge, poogden pers en politiek gisteren zijn creatieve vaagheid te evenaren: “opstandige strandgangers” (De Morgen), “een groep toeristen” (De Zondag), “Franstalige jongeren” (GvA), “niet ons normale publiek” (de burgemeester van De Haan), een doelpubliek dat we normaal niet hebben (politie Knokke) … De vaardigheid, die de hele samenleving heeft aangeleerd, om vooral niet te zeggen wat iedereen weet, is verbluffend. 

“Blubber”

Dat men te bang is om het probleem te benoemen en alle strandgangers over één kam scheert is nochtans onrechtvaardig. Dat men daarna nog eens maatregelen neemt die als tapijtbombardementen iedereen treffen, maakt de lafheid nog ergerlijker: Blankenberge verbiedt nu alle dagjestoeristen de toegang tot zijn grondgebied. Ook de brave gezinnen die gisteren met hun bange kinderen moesten wegvluchten van het geweld op het strand moeten niet meer terugkomen.

Waar kunnen de gezinnen dan nog heen in deze broeiende hitte? De meesten hebben hun buitenlandse reisplannen moeten afzeggen omwille van de coronacrisis. Alle recreatieparken zijn volgeboekt (en als ze dat niet waren geweest zouden daar nu de rellen plaatsvinden die er elke zomer zijn). Het provinciaal domein van Berlare gaat zelfs een tijdje helemaal dicht: er daagden veel mensen op die niet waren ingeschreven en bovendien alle coronamaatregelen aan hun laars lapten. Er wordt niets gezegd over het profiel van de overtreders, maar gezien de hoger beschreven selectiviteit in de berichtgeving kan je niemand kwalijk nemen daar vermoedens over te koesteren.

Naar een andere kustgemeente dan? Alvast niet naar Knokke-Heist. Ook daar waren er gisteren rellen. Burgemeester Lippens zegt dat er al “tientallen incidenten” zijn geweest (waarbij, volledigheidshalve, ook regelmatig Nederlandse bezoekers betrokken zijn). De gemeente heeft nu ook besloten om alle dagjestoeristen buiten te houden.

En dat lijken slechts de eerste stenen van de domino te worden. Burgemeester Wilfried Van Daele (N-VA) van De Haan is bang dat zijn gemeente nu de probleemjongeren (“Noord-Fransen en mensen uit het Brusselse”, zoals hij ze noemt) op zijn dak gaat krijgen: “Wij zijn niet van plan om de dweil te worden van de Oostkust en alle blubber op te soppen die onze buurgemeenten in onze richting vegen.”

“NMBS is verantwoordelijk”

Een van de meest hallucinante pogingen om de kern van het probleem te negeren (en dan maar een maatregel voor te stellen die iedereen treft) kwam gisteren van de partij Groen. De lokale afdeling van deze partij, die bekend staat voor haar voorliefde voor het openbaar vervoer, stuurde een bericht rond via Twitter waarbij ze de extra treinen van de NMBS mee verantwoordelijk noemde voor de rellen en dus maar opriep die af te schaffen.

Ook Bart Tommelein van Oostende riep de NMBS op om minder treinen in te leggen, maar geraakte al snel verstrikt in het probleem dat minder treinen leiden tot opeengepakte reizigers, een onaanvaardbare situatie in tijden van corona. Hij stelde dan maar voor om het station van Oostende helemaal laten sluiten. Met de auto kan je ook maar best wegblijven: de TV-journaals openden deze middag met beelden van de files die zijn ontstaan door alle politiecontroles ten gevolge van de rellen.

Waar zijn we in Godsnaam mee bezig? Hoe zijn we in de surrealistische situatie beland waarin dé partij van het openbaar vervoer treinen wil afgeschaft zien, politici maatregelen eisen die resulteren in overdrukke treinen in coronatijden, gezinnen actief worden weggehouden van alle oorden waar ze in een hittegolf verfrissing kunnen vinden en kustgemeenten, met een nochtans door corona zwaar getroffen horeca, bewust toeristen pogen af te schrikken?

“Een probleem van normen en waarden”

François Belot, minister van mobiliteit, zei gisteren iets verstandig: “We moeten ons niet vergissen van debat. De beelden van gisteren op het strand zijn in de eerste plaats een probleem van normen en waarden, niet van treinen.” Hij had er kunnen aan toevoegen: ze zijn ook geen probleem van hitte of van corona. Het enige wat de hitte doet is het verplaatsen van een reeds lang bestaand maar zoveel mogelijk genegeerd probleem naar een gebied waar men er niet meer kan naast kijken.

In de steden, maar ook steeds meer daarbuiten, leven grote groepen van jongeren in subculturen die lak hebben aan de samenleving en haar regels: dat is het probleem. Dat probleem wordt zoveel mogelijk genegeerd in de coronacrisis en het wordt nu opnieuw genegeerd in de verstoring van de vakantieoorden van dit land. Onrechtvaardige maatregelen die iedereen treffen zijn het gevolg.