Jan Jambon (N-VA) heeft vanmiddag op een persconferentie toegegeven dat hij als Minister van Binnenlandse Zaken een contact heeft gehad met de Slovaakse ambassadeur. Dat persoonlijk contact vond, aldus Jambon, plaats een aantal maanden na de dood van Chovanec, op 30 mei 2018. Op 2 maart 2018 was er wel al eerder een contact tussen “2 medewerkers” van Jambon en de Slovaakse ambassadeur. Jambon benadrukte opnieuw dat op het moment dat  zijn kabinet het politieverslag over de interventie te zien kreeg “uit niks kon worden afgeleid dat het zou gaan om een problematisch optreden van de politie”.  De schokkende beelden waren op dat moment al in beslag genomen door het parket. Noch de minister, noch zijn kabinetschef, noch de federale politie hebben die toen kunnen inkijken. 

Jambon koos er dus voor om van bij aanvang zijn kaarten onmiddellijk op tafel te leggen over de zaak Chovanec. Na dagen van lastige en vooral warrige communicatie besliste de Vlaamse Minister-president om zaterdagmiddag de communicatietouwtjes opnieuw in eigen handen te nemen. De politieke druk werd te groot. Hij deed dat, zaterdagnamiddag tijdens een persconferentie in zijn thuisbasis Brasschaat. 

Jambon zat de laatste dagen volledig in het defensief. Op die manier hoopte hij de druk van de ketel te halen in de zaak van de dood van de Slovaak Jozef Chovanec.  

Jambon schetste, zoals voorspeld, een zorgvuldige reconstructie van de tijdlijn van de gebeurtenissen. Maar zei hij, “ik wil dit niet vooraleer mijn uitdrukkelijk medeleven te betuigen aan de nabestaanden van mijnheer Chovanec”. Vervolgens kondigde hij ook aan dat hij alle mogelijke documenten die zijn verklaringen staven zou ter beschikking stellen. 

Contact met 2 kabinetsmedewerkers op 2 maart 2018

De oud Minister van Binnenlandse Zaken bouwde zijn verdediging rustig op. Hij wees er op dat de context in 2018, totaal anders was dan vandaag. De zeer pijnlijke beelden die we nu te zien kregen waren op dat moment onbekend voor Jambon, noch voor de Federale Politie, noch voor zijn kabinet. Het aanvankelijke politieverslag dat Jambon te lezen kreeg handelde ook niet over een overlijden in een politiecel. Jozef Chovanec overleed volgens Jambon namelijk op dinsdag 27 feburari, dat is énkele dagen  later dan de dag waarop hij van het vliegtuig werd gehaald en in een cel belandde. 

Op het moment dat Chovanec overleed werd het een gerechtelijk onderzoek en dus, redeneert Jambon, was hij op dat moment als Minister van Binnenlandse Zaken ook niet meer bevoegd om stappen te ondernemen. 

Ook over de kwestie of er nu contact was tussen het kabinet Jambon en de Slovaakse ambsassadeur kwam er opheldering. Op 2 maart 2018 was er contact met “twee medewerkers van het kabinet”. Of één van die medewerkers zijn toenmalige kabinetschef en huidig N-VA Kamerlid Joy Donné was, liet Jambon in het midden.

Kort gesprek met de Slovaakse ambassadeur op 30 mei 2018

Op die vraag of er ook “persoonlijk contact” was tussen de Slovaakse ambassadeur en Jambon antwoordde hij positief. Er vond een kort gesprek plaats met Stanislav Vallo, op 30 mei 2018. Jambon noemt dat een “opvolgingsgesprek” en herinnert zich daar verder geen bijzondere details meer van. 

Vervolgens slaat Jambon mea culpa: “Ik wil beklemtonen, met de hand op het hart, dat ik nooit de intentie heb gehad om de waarheid te verdraaien. Waarom zou ik? Ik heb daar geen enkel belang bij”. Maar hij geeft vervolgens toe, “door overhaaste uitspraken te doen heb ik mezelf in de nesten gewerkt”. De minister-president erkent wel dat de communicatie de voorbije dagen niet optimaal was. 

Doch, voor Jan Jambon blijft het belangrijkste “dat het dossier correct werd behandeld door mijn kabinet”. En hij had ook een sneer klaar voor zijn criticasters. “Ik aanvaard niet dat mensen met de kennis van nu beschuldigingen in het rond strooien”, klonk het scherp.

Jambon blijft dus bij zijn verhaal dat hij, noch zijn medewerkers, bij het zien van de beelden een link gelegd hebben gelegd met het dossier Chovanec. “Ik heb dus ook niet geantwoord op vragen van journalisten. Dat was het enige juiste om te doen”, besluit hij.

Over zijn eigen positie maakt Jambon zich naar eigen zeggen geen zorgen. “Er is overleg geweest met de coalitiepartners. Niemand vraagt mijn ontslag”, deelde hij nog mee.