Het coronavirus lijkt onder bedwang te zijn in Nieuw-Zeeland. Al honderd dagen lang werd er bij de bevolking geen besmetting meer vastgesteld. De laatste binnenlandse besmetting dateert van 1 mei. Nieuw-Zeeland sloot op 19 maart zijn grenzen. Die strategie lijkt te lonen. De Wereldgezondheidsorganisatie prijst het land voor zijn aanpak. Dat schrijf Het Laatste Nieuws.

Nieuw-Zeeland heeft de laatste honderd dagen geen besmettingen meer gehad van het coronavirus onder haar bevolking.  Het land sloot zijn grenzen op 19 maart en dat blijkt een goede beslissing. Al vanaf 1 mei werden er geen nieuwe binnenlandse besmettingen vastgesteld. Er zijn momenteel nog 23 gevallen van het virus bekend in het land, maar deze werden ontdekt aan de grens. De geïnfecteerden verblijven in beheerde isolatiefaciliteiten. Er wordt geen enkel risico genomen. De Nieuw-Zeelanders kunnen op deze manier hun gewoon ‘pre-corona’ leven blijven leiden. Toeschouwers bij evenementen zijn nog toegelaten en er zijn geen afstandsregels.

Maar het land blijft voorzichtig. “Het bereiken van 100 dagen zonder overdracht binnen de gemeenschap is een belangrijke mijlpaal. Maar zoals we allemaal weten, kunnen we het ons niet veroorloven om zelfgenoegzaam te zijn”, zegt directeur Ashley Bloomfield van het ministerie van Volksgezondheid. “We hebben in het buitenland gezien hoe snel het virus opnieuw kan opduiken en zich kan verspreiden op plaatsen waar het voorheen onder controle was. We moeten voorbereid zijn om snel toekomstige gevallen in Nieuw-Zeeland uit te roeien.”