In een gezamenlijke oproep die de krant De Tijd vanochtend publiceert dringen 21 ‘captains of industry’, aangevoerd door VOKA-voorzitter Wouter De Geest, aan bij de politieke partijen “om de komende weken een sterke federale regering te vormen met een krachtdadig beleid”. Zij noemen het “de allerlaatste kans voor ons land”. Lukt dit niet, dan moet het woord terug aan de kiezer worden gegeven.

De bedrijfsleiders maken een vlijmscherpe analyse van hoe ons land er uit ziet na de coronacrisis. Ze komen tot de conclusie dat er weinig reden is om te vieren voor de Belgen, ook niet met de nationale feestdag in het vooruitzicht: “De coronacrisis blijft ons ernstig beperken en bedreigen, de gezondheidszorg blijft onder druk staan, de maatschappij is ontwricht en de economie herstelt maar langzaam. Ja, ondernemers en burgers hebben zich uit de slag getrokken, verantwoordelijkheidszin getoond, zich wendbaar en weerbaar opgesteld. Ja, de Vlaamse en de federale regeringen hebben de crisis aangepakt en de eerste noodzakelijke maatregelen genomen. Maar als we uit deze crisis, de grootste sinds de Tweede Wereldoorlog, willen geraken, zal er veel meer nodig zijn.”

(Lees verder onder de tweet.)

“Vlaamse ondernemers zijn spelletjes meer dan beu”

De oproep leest als een soort algemene akte van inbeschuldigingstelling aan het adres van de politieke bewindvoerders. De boodschap is glashelder: het bedrijfsleven is het wachten meer dan beu. Daarom pleiten ze voor een sterke federale regering mét ruime meerderheid aan beide kanten van de de taalgrens. Daarmee lijken ze alvast een voorkeur uit te spreken voor een piste die momenteel op tafel ligt, met name die van een uitgebreide ‘Arizona-coalitie’ waar ook de PS bij zou kunnen aansluiten.

Voor de Vlaamse ondernemers heeft de stilstand aan genoeg geduurd: “Er werd gepokerd, gekibbeld, veto’s gesteld, op de vrouw en de man gespeeld alsof het een lieve lust was en er niets dringenders te doen was. En dat allemaal op zoek naar die federale regering die ons land moet besturen. Wij, Vlaamse ondernemers, zijn de inertie, de spelletjes, de stilstand én de achteruitgang meer dan beu.”

De bedrijfsleiders werpen vervolgens een aantal cruciale vragen op met name rond de heropbouw van ons land na corona, maar behouden naar eigen zeggen toch nog “een sprankeltje hoop”. Tenslotte ook nog een scherpe sneer van kritiek onder de vorm van een vraag: “Wie zal een einde maken aan de weggeefmaatregelen die in het parlement geagendeerd en gestemd worden”.

Een duidelijke vingerwijzing naar de diverse parlementaire initiatieven die de voorbije maanden tot stand kwamen via allerhande tijdelijke wisselmeerderheden in het parlement. Zo werden in de rand van de coronacrisis al diverse wetsvoorstellen door het parlement gesluisd waarvan het budgettaire plaatje allesbehalve duidelijk werd berekend. Voorstellen die ook de bedrijven op kosten jagen, en dat is duidelijk een doorn in het oog van de ondertekenaars.

“Inefficiënte staatsstructuur” 

Ook over de evolutie van de begroting en de staatsschuld maken ze zich zorgen. Daarbij pleit men onomwonden voor een nieuwe stap in de staatshervorming, een niet mis te verstane boodschap in de richting van bepaalde partijhoofdkwartieren: “Wie zal onze inefficiënte staatsstructuur te lijf gaan en het vertrouwen in de overheid herstellen? Wie zal het welzijn van onze burgers duurzaam verankeren?” De politiek kan dus maar beter werk maken van de regeringsvorming:“Zoniet moet de kiezer beslissen over de toekomst en het bestuur van ons land.”

Politici en partijen dragen “verpletterende verantwoordelijkheid”

De bedrijfsleiders werpen de bal in het kamp van de politiek en merken op dat alle politieke partijen, politici en hun voorzitters “vandaag een verpletterende verantwoordelijkheid om in de komende weken een sterke federale regering te vormen met een krachtdadig beleid”.

“Het is de allerlaatste kans. Zo niet moet de kiezer beslissen over de toekomst en het bestuur van ons land. De politieke klasse kan zich vandaag afschrijven, of ze kan zich in de geschiedenisboeken schrijven. We roepen ze op het laatste te doen”, klinkt het.

Transformatie naar een “digitale samenleving”

Onze economie en maatschappij dient volgens de bedrijfsleiders te worden getransformeerd tot een “digitale samenleving”. En daarbij zien ze alvast een belangrijke rol weggelegd voor de bedrijven zelf: “Dat moet gebeuren met innovatieve en competitieve bedrijven, een flexibele arbeidsmarkt, modern onderwijs, een doeltreffende sociale zekerheid en fiscaliteit, een performante overheid en een open economie en samenleving.”

Maar daarvoor is een staatshervorming nodig: “En dat kan alleen gebeuren als we een sociaal-economisch pact sluiten tussen overheden, burgers en bedrijven. Deze week werden de adviezen van de experten voor een Vlaamse relance voorgesteld. Die relance onverkort realiseren, vereist dat Vlaanderen ook onverkort over de hefbomen daartoe beschikt.”

Daarom kondigen Voka en de Vlaamse ondernemingen aan dat ze “een evenwichtig transformatieplan” voorbereiden. “Wij zijn bereid met volle kracht aan een dergelijk nieuw sociaal-economisch pact mee te werken om de welvaart en het welzijn van iedereen te verzekeren. Het is nu of nooit. Het woord en de daad zijn nu aan onze politici. Want het is de allerlaatste kans voor ons land”, besluiten de ondertekenaars.