Sinds 1 juli mogen burgers van veertien verschillende niet-EU-landen weer de Europese Unie in. Op de lijst staan onder andere: Servië, Montenegro en Georgië. Maar ook landen als: Rwanda, Thailand en Uruguay. Hoewel het de bedoeling is dat alle EU-landen de lijst volgen, is deelname niet verplicht. Hongarije heeft dan ook besloten om niet mee te werken aan plan van de Europese Unie. Het land laat alleen Servië toe.

De lijst van landen die weer toegang hebben tot de EU zou oorspronkelijk groter zijn. Na lang overleg kwamen de landen desondanks overeen om in plaats 54, veertien landen toe te laten. Deze landen zijn: Algerije, Australië, Canada, Georgië, Japan, Montenegro, Marokko, Nieuw-Zeeland, Rwanda, Servië, Zuid-Korea, Thailand, Tunesië en Uruguay. Voor het Verenigd Koninkrijk, Andorra, San Marino en het Vaticaan geldt een uitzonderingspositie. Zij zullen meetellen als EU-burgers. Iedere twee weken zal de Europese Raad de lijst opnieuw beoordelen.

(Lees verder onder de tweet)

Hongarije doet niet mee

De vreemde eend in de bijt is Hongarije. Premier Viktor Orbán wil namelijk geen toegang verlenen aan de veertien landen op de lijst. Alleen voor Servië, een land met een aanzienlijke Hongaarse minderheid, wil het land de grenzen openen. Wel zal Boedapest toegang verlenen aan niet-EU-burgers die via Hongarije naar een ander land moeten. Hiervoor komt er een speciale ‘corridor’ waarvan de reizigers niet mogen afwijken. “Voorlopig kunnen we het verzoek van de EU niet steunen, omdat dat in strijd zou zijn met de gezondheidsbelangen van het Hongaarse volk,” zo meent Orbán.