Franstalige gemeenten worden heel wat guller bedeeld door een nieuwe subsidiepot die de OCMW’s moet ondersteunen tijdens de coronacrisis. Zo krijgen slechts drie Vlaamse gemeenten een bedrag groter dan één miljoen euro, tegenover zeventien Franstalige gemeenten. De scheeftrekking is nog groter indien we het bedrag per inwoner beschouwen. Zo blijkt uit cijferwerk van N-VA-schepen in Melle Frank De Vis, die de kwestie aankaartte bij onze redactie.

Als gevolg van de coronacrisis besloot de regering-Wilmès in mei subsidies toe te kennen “aan de OCMW’s om noodzakelijke hulpverlening toe te kennen aan de meest kwetsbare bevolkingsgroepen”. De extra toelage moet de materiële, sociale, geneeskundige en psychologische dienstverlening bieden aan diegenen die inkomsten verloren door de coronacrisis en de dagelijkse kosten niet meer kunnen dekken.

Het gaat om een totaalbedrag van 115 miljoen euro. Het oorspronkelijke bedrag bedroeg 15 miljoen euro. Dat werd begin juli aangevuld met 100 miljoen euro extra. Het geld wordt toegewezen volgens een verdeelsleutel van 75 procent op basis van het aantal leefloners en 25 procent op basis van het aantal ‘omniostatuten’ – dit wil zeggen weduwen, invaliden, gepensioneerden en wezen – in een gemeente.

Franstalige gemeenten rijkelijk bedeeld

Niet alle OCMW’s worden dus even rijkelijk bedeeld. De subsidiepot lijkt vooral Brusselse en Waalse gemeenten ten goede te komen. Slechts drie Vlaamse gemeenten ontvangen meer dan één miljoen euro. Het gaat om Antwerpen (5,79 miljoen euro), Gent (3,57 miljoen euro) en Leuven (1,22 miljoen euro). 

Maar liefst negen Brusselse en acht Waalse gemeenten ontvangen een bedrag groter dan één miljoen euro. In Brussel gaat het om Schaarbeek (4,72 miljoen euro), Brussel (4,45 miljoen euro), Molenbeek (3,87 miljoen euro), Anderlecht (3,73 miljoen euro), Elsene (1,62 miljoen euro), Vorst (1,43 miljoen euro), Sint Gillis (1,3 miljoen euro), Evere (1,02 miljoen euro) en Sint Joost Ten Node (1,01 miljoen euro).

In Wallonië spant Luik de kroon met 7,54 miljoen euro aan subsidies. Daarmee krijgt de Vurige Stede in één klap het grootste bedrag van alle Belgische gemeenten. Daarop volgen Charleroi (5,3 miljoen euro), Namen (2,54 miljoen euro), Bergen (2,12 miljoen euro), La Louvière (1,84 miljoen euro), Seraing (1,77 miljoen euro), Verviers (1,54 miljoen euro) en Doornik (1,26 miljoen euro).

Uit cijferwerk van schepen van Welzijn in Melle Frank De Vis (N-VA), die de kwestie aankaartte bij onze redactie, blijkt dat de scheeftrekking nog groter is indien we het aantal inwoners beschouwen. Zo krijgen Antwerpen, Gent en Leuven respectievelijk 11,59, 14,30 en 11,98 euro per inwoner. Molenbeek, Luik, Schaarbeek en Anderlecht krijgen daarentegen respectievelijk 39,90, 38,46, 36,52 en 34,22 euro per inwoner. Ook andere Franstalige gemeenten krijgen heel wat meer geld dan de Vlaamse. Zo krijgt Charleroi 25,84 euro per inwoner, Brussel 25,45, Namen 23,06 en Bergen 22,37.

2 REACTIES

  1. Inderdaad Zuid-België is het enige land in de wereld dat zijn ‘socialistische structuren’ kan blijven betalen … met geld uit het Noorden des land’s. Wanneer kan ieder zijn eigen rekening nu eens maken. We kunnen dan nog ‘geven’ maar wij & zij, weten dan tenminste hoeveel geld er bergop stroomt. Een eerzaam land zou zich schamen, voortdurend uit de bedelruif te moeten eten.