Maanden nadat onthuld werd dat het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) uitpuilt van leden van linkse NGO’s, wacht Europees Parlementslid Rob Roos (FvD) nog altijd op een antwoord van de Europese Raad over de kwestie. Eerder draaide de Europese Commissie ook al om de hete brij heen na vragen over dezelfde kwestie.

Onderzoek van het European Centre for Law and Justice (ECLJ) wees media februari uit dat tientallen van de vastbenoemde rechters van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) voordien actief waren bij diverse linkse NGO’s, waaronder NGO’s van de linksliberale miljardair George Soros. Zo zijn er meer dan 80 voorvallen bekend waarbij rechters zaken van hun eigen voormalige organisaties. De Europese Commissie liet lange tijd na te antwoorden op parlementaire vragen, of draaide in haar antwoorden vooral rond de hete brij heen.

(Lees verder onder de tweet.)

Rob Roos (FvD): “Vraag genegeerd”

Ook andere Europese instellingen doen er het zwijgen toe. Dat ondervond ook het Nederlandse Europees Parlementslid Rob Roos (FvD). Reeds op 10 maart vroeg hij aan de Europese Raad een verklaring over de onthullingen van het ECLJ. “Mijn vraag is genegeerd en zelfs niet gepubliceerd. Nu komt het antwoord niet eerder dan eind juli, als iedereen op vakantie is”, schrijft Roos op Twitter.

“Vragen stellen is de democratische basisrol van gekozen politici en een van de weinige bevoegdheden die de leden van het Europees Parlement hebben”, klinkt het verder. Roos wijst erop dat de regels van het Parlement stellen dat een vraag binnen zes weken beantwoord moet worden: “De EU negeert haar eigen regels en schendt daarmee de democratie.”

Of het verlate antwoord nu het gevolg is van kwade wil of bureaucratische onkunde; er valt alleszins te horen dat het verre van de eerste keer is dat men met deze praktijken geconfronteerd wordt. “Het lijkt een stelselmatig fenomeen te worden dat vragen van FVD/ECR te laat of onvolledig van een antwoord worden voorzien”, luidt het bij de partij.