Barbara Pas is het niet echt eens met de voorstellen die politicoloog Carl Devos afgelopen week lanceerde om grote partijen nog meer te bevoordelen bij de zetelverdeling. De fractieleider in de Kamer voor Vlaams Belang pleit voor het afschaffen van de kiesplicht, de vele kieskringen én voor het direct verkiezen van de uitvoerende macht.

In de nasleep van de aanhoudende politieke crisis en de eerste verjaardag van de verkiezingen zonder regering pleit politicoloog Carl Devos (UGent) in het kader van #operatietoekomst voor een nog hoger voordeel voor grote partijen, naast de reeds bestaande kiesdrempel. Devos hoopt zo om het Belgisch kiesstelsel slagkrachtiger te maken, want het is niet efficiënt en legitiem genoeg”, aldus Devos. Volgens de politicoloog verloopt alles log en worden akkoorden moeizaam of niet bereikt omdat er zoveel partijen zijn. Nochtans weet Devos dat het Belgisch politiek systeem al bijzonder oneerlijk is.

Door allerlei machinaties – de methode-D’hondt, de talrijke kieskringen en het negeren van blanco en ongeldige stemmen – loopt de zetelverdeling in België bijzonder vreemd en onbillijk. Bovendien is een Waalse stem meer waard dan een Vlaamse. De PS kon zo bijvoorbeeld met amper 600.000 stemmen 20 Kamerzetels binnenhalen. Mijn partij – die ruim 800.000 stemmen won – kreeg slechts 18 zetels. Devos dreigt met zijn voorstellen dit soort scheeftrekkingen nog te vergroten.

Bovendien biedt het plan van Devos geen garantie op minder partijen. In Vlaanderen zal misschien wel de PVDA verdwijnen, de enige partij die onder de 10% scoort, maar is dat dan het doel? De zieltogende socialisten redden van hun radicalere rivaal? Misschien wel. Zo kunnen de slinkende systeempartijen nog wat tijd kopen opdat ze alsnog kunnen blijven regeren. Deze ondemocratische ingrepen moeten een kaduuk systeem kunstmatig repareren, maar laten de grondoorzaken van de kloof tussen burger en politiek en het gebrek aan bestuur onaangeroerd. 

Niet de kiezer is het probleem, maar de Belgische particratie

Als Devos schrijft dat België aan of voorbij de grenzen van het mogelijke zit, dan kan ik het daar alleen maar mee eens zijn. Maar de wijze professor gaat dus voorbij aan de oorzaken van dit probleem. Devos wil het evidente niet inzien en steekt de schuld op de kiezer. Zoals Karel De Gucht (Open Vld) in december de schuld van de moeizame formatie ook al bij de kiezer legde. De kiezer is het probleem niet. Burgers geen gelijke stem geven is niet alleen ondemocratisch, maar ook pervers en contraproductief. Het probleem is de particratie, de ‘zachte’ dictatuur van partijen, en uiteraard België zelf. Zij gaan hand in hand, want ze zijn gemaakt voor elkaar.

Particratie bestaat ook in andere landen, maar hier is ze ‘geperfectioneerd’. Hier mogen burgers niet zelf hun regering kiezen. In België zorgde dit ervoor dat de partijen die een meerderheid vormen, een ijzeren controle uitoefenen over hun eigen verkozenen, zodat hun meerderheid kan blijven gelden. Het merendeel van de wetgeving komt van de regering en wordt bijna kritiekloos door de parlementsleden van de meerderheid goedgekeurd. Regeringen worden gevormd op partijhoofdkwartieren, niet gehinderd door de kiezer. Dat gebeurt zo op alle niveaus. En bij de deelstaten lukt dat ook nog. Op Belgisch niveau, daar is het huilen met de pet op. Getuige daarvan, de Belgisch regeerakkoorden die heel lang op zich laten wachten, en die zelfs wereldrecords braken. 

De particratie en België gaan hand in hand

Hoe los je dat dan op? Simpel. Je laat de kiezer zelf zijn regering kiezen. Vlamingen zouden in staat moeten zijn om hun eigen minister-president te kiezen. Gewoon direct. Net zoals in de VS of Frankrijk gebeurt. De verkozen minister-president zou dan zelf zijn regering aanduiden, met het mandaat dat hij of zij van de kiezer kreeg in plaats het mandaat dat hij of zij van enkele partijen kreeg. Vervolgens kappen we het bos van kieskringen tot één Vlaamse kieskring. Zo vermijden we oneerlijke stemverdelingen en zijn er duidelijke mandaten. En de opkomstplicht en kiesdrempel? Die schaffen we af. Eerlijk, helder en de kiezer krijgt onmiddellijk de regering waar die voor koos.

Dat brengt ons echter naadloos bij het tweede probleem: België. België kan immers geen democratie verdragen. Daar is regeringsvorming een onmogelijke opdracht met een rechts Vlaanderen en een uiterst links Wallonië. De laatste keer dat we de Belgen – tijdens de Koningskwestie, in 1950 – als een geheel hebben laten stemmen, stonden we op de rand van een burgeroorlog. De Vlamingen lieten hun meerderheid gelden, maar voor de eenheid van het land moesten ze hun stemmen inslikken. Een directe verkiezing van een Belgische president in een federale kieskring is dan ook ondenkbaar… voor Wallonië. Dat hun gewest zou geregeerd worden door een president van N-VA – de grootste partij – is volstrekt onverteerbaar voor de Franstalige politici. Laat staan een president van mijn partij – de grootste in de peilingen.

Het volgende dat dus afgeschaft moet worden, is dan natuurlijk België zelf. Na een ordelijke opdeling kan de Vlaamse democratie eindelijk functioneren, zonder Waalse dwangbuis en vice versa. Waar wachten we nog op? De volgende verkiezingen zijn al immers al ten laatste in vier jaar.