Premier Mark Rutte had woensdagmiddag al een gesprek met anti-racismedemonstranten. Bij dit gesprek was alleen niet de radicale club ‘Kick Out Zwarte Piet’ (KOZP) betrokken. Deze groep meende daarom dat het gesprek van de minister-president eerder een ‘PR-stunt’ zou zijn. Kort nadat KOZP hun beeld naar buiten bracht, kwam premier Rutte plotseling met een nieuw bericht. Hij zou naar eigen zeggen ‘al langer van plan zijn’ om met de groep te praten.

‘Kick Out Zwarte Piet’ is in Nederland een beruchte groep. De organisatie is sinds haar oprichting bij vele Sinterklaasintochten aanwezig om daar tegen Zwarte Piet te demonstreren. Van een rustige demonstratie is daarentegen niet altijd sprake. Vaak moet het protest gepaard gaan met grootschalig ‘boe-geroep’ en honderden agenten. Dit jaar gaat KOZP extra bedachtzaam te werk onder #2020ZwartePietVrij. Zo gaat de groep zich “nadrukkelijk richten op pro-zwarte piet burgemeesters, gemeenten, winkeliers, intochtcomités, antidiscriminatiebureaus en andere instituten die hun maatschappelijke en pedagogische verantwoordelijkheid om racisme uit te bannen naast zich neer te leggen.”

(Lees verder onder de video)

Kick Out Zwarte Piet uitgenodigd?

Woensdagochtend verscheen in het nieuws dat premier Rutte in gesprek ging met verschillende Black Lives Matter-organisatoren. KZOP had alleen, samen met andere organisatoren, geen uitnodiging ontvangen. Volgens de groep zou het daarom eerder om een PR-stunt gaan. Ook stelden ze: “Bij velen heerst de indruk dat premier Rutte niet om de levens van zwarte mensen geeft.” De groep belooft daarom “onverminderd door te gaan, zolang er geen concrete doelstellingen en een actieplan worden geformuleerd om racisme uit te bannen uit de Nederlandse samenleving.”

(Lees verder onder de tweet)

Toch mogen de pietenvitters op bezoek komen bij de premier. Rutte kwam namelijk met een nieuwe verklaring waarin KOZP plotseling wel welkom is. Hij stelde dat KOZP – samen met andere BLM-organisatoren – al op de lijst stond. Omdat ze alleen al in contact waren met het ministerie van Sociale Zaken, mochten ze niet als eerste komen. Op het verwijt dat hij niet geeft om de levens van donkere mensen, ging de premier niet in.