De Brusselse hogeschool ‘Francisco Ferrer’ mag in haar reglement het dragen van religieus of filosofisch geïnspireerde tekens of kledij verbieden. Een aantal moslima’s stapte tegen dat verbod naar het Grondwettelijk Hof, maar dat gaf hen ongelijk.

Al sinds een decreet van 1994 kunnen scholen in het Franstalig gemeenschapsonderwijs het dragen van religieus of filosofisch geïnspireerde tekens en kledij verbieden. Alzo deed ook de Brusselse hogeschool ‘Franciso Ferrer’ in haar reglement. Enkele studenten van die school stapten in 2017 naar de rechtbank omdat ze op school een hoofddoek wilden dragen. Die legde de zaak voor aan het Grondwettelijk Hof, dat naging of het decreet in strijd is met de grondwet of het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.

Het Hof ziet geen graten in het verbod van de school. Het decreet, dat het neutraliteisbeginsel invulling geeft, maakt – zo zegt het Grondwettelijk Hof – geen schending uit van de godsdienstvrijheid of de vrijheid van onderwijs.

Ook Unia en het Vlaamse Gemeenschapsonderwijs (GO!) waren partij in de zaak. In 2014 oordeelde de Raad van State nog dat een algemeen hoofddoekenverbod (in Vlaanderen) in strijd is met de godsdienstvrijheid, maar dat het wel mogelijk moet zijn op het niveau van de school. Nederlandstalige beslissingen gingen echter vaak over het lager en secundair onderwijs. Het nieuwe arrest van het Grondwettelijk Hof heeft betrekking op het hoger onderwijs, waar studenten veelal meerderjarig zijn.