Voormalig Ecolo-covoorzitster Zakia Khattabi heeft niet de vereiste tweederdemeerderheid behaald om benoemd te worden tot rechter in het Grondwettelijk Hof. Bij de geheime stemming in de Senaat behaalde ze 28 van de 59 stemmen. De groene fractie vroeg nog om de stemming te onderbreken om overleg te plegen, maar Khattabi trok haar voordracht intussen zelf al in.

De stemming vond plaats in plenaire zitting en in commissiezalen met inachtneming van de afstandsregels. Omdat de stemming geheim verliep, weten we niet precies wie voor dan wel tegen heeft gestemd. De Vlaamse rechterzijde – N-VA en Vlaams Belang – heeft er echter nooit een geheim van gemaakt tegen de benoeming van Khattabi te stemmen. Een opengrenzenactiviste die juridische beslissingen tegenwerkt is volgens de N-VA niet geschikt voor het Grondwettelijk Hof”verklaarde N-VA-senator Karl Vanlouwe eerder. Ook Els Ampe (Open Vld) gaf aan tegen te stemmen.

Ten opzichte van de vorige twee stemrondes is Khattabi in ieder geval de steun van de MR-senatoren kwijt gespeeld. MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez – zelf senator – verklaarde vrijdag openlijk in La Libre dat zijn partij de voordracht van Khattabi niet zou steunen, maar voor de andere Ecolo-kandidate zou stemmen. Ook binnen CD&V was er verdeeldheid over de benoeming.

De voordracht van Khattabi gold als een nieuwe test voor een mogelijke Vivaldi-coalitie. In die formatie zouden groenen samenwerken met liberalen, socialisten en christendemocraten. Nu Khattabi werd weggestemd en de verhouding tussen de groenen en MR op een dieptepunt zit, lijkt een federale regeringsdeelname voor de tandem Groen-Ecolo ver weg.

(Lees verder onder het ingevoegde bericht)

Het Grondwettelijk Hof: Politiek relevante rechters

De benoeming van een rechter bij het Grondwettelijk Hof is conflictueuze materie. Zo beschikt dit rechtscollege over de bevoegdheid om wetten, die strijdig zijn met de grondwet, te vernietigen. Daarnaast: het rechtscollege spreekt zich regelmatig uit over bijzonder heikele onderwerpen zoals bijvoorbeeld het ‘boerkaverbod’. Kortom, wie in het Grondwettelijk Hof mag zitten is politiek zeer relevant. De ‘zitjes’ worden verdeeld tussen zes juristen en zes voormalige parlementsleden die over minstens vijf jaar parlementaire ervaring beschikken. Daarnaast moeten de kandidaten minstens veertig jaar oud zijn.