Voormalig Ecolo-voorzitter Zakia Khattabi is, namens de Franstalige ecologisten, kandidaat om rechter te worden bij het Grondwettelijk Hof. Eerder kon haar kandidatuur, twee keer, niet de vereiste tweederdemeerderheid in de Senaat halen. Tevens, iets wat de kandidatuur van Khattabi ook geen goed doet, verklaarde de voorzitter van het Grondwettelijk Hof enkele dagen geleden nog dat volgens hem kandidaten over een rechtendiploma zouden moeten beschikken.

De benoeming van een rechter bij het Grondwettelijk Hof is conflictueuze materie. Zo beschikt dit rechtscollege over de bevoegdheid om wetten, die strijdig zijn met de grondwet, te vernietigen. Daarnaast: het rechtscollege spreekt zich regelmatig uit over bijzonder heikele onderwerpen zoals bijvoorbeeld het ‘boerkaverbod’. Kortom, wie in het Grondwettelijk Hof mag zitten is politiek zeer relevant. De ‘zitjes’ worden verdeeld tussen zes juristen en zes voormalige parlementsleden die over minstens vijf jaar parlementaire ervaring beschikken. Daarnaast moeten de kandidaten minstens veertig jaar oud zijn. 

Tegen de benoeming van Khattabi was er al heel wat weerstand, vooral van de twee grootste Vlaamse partijen, de N-VA en het Vlaams Belang. Een opengrenzenactiviste die juridische beslissingen tegenwerkt is volgens de N-VA niet geschikt voor het Grondwettelijk Hof”verklaarde N-VA-senator en Vlaams Parlementslid Karl Vanlouwe eerder. Ook bij het Vlaams Belang moet Khattabi, die geen juridisch diploma heeft, op weinig steun rekenen. 

Een kandidaat-rechter moet twee derde van de senatoren kunnen overtuigen. In de eerste stemronde haalde Khattabi 37 op 59 stemmen. In de tweede ronde kwam Georges-Louis Bouchez nog speciaal naar de Senaat om zijn stem uit te brengen, maar dat mocht niet baten. Khattabi haalde 38 op 60 stemmen en raakte dus niet verkozen.  

Khattabi is opnieuw kandidaat

Opmerkelijk: Khattabi is opnieuw kandidaat, weet De Standaard. Tevens zou de oud-voorzitter van Ecolo openstaan voor een hoorzitting. Dat Ecolo Khattabi alsnog naar voren schuift mag verwonderen. Eerder had de Nederlandstalige voorzitter van het Hof nog gesteld dat, wat hem betreft, “elke kandidaat, dus ook een gewezen parlementslid, ten minste licentiaat of master in de rechten dient te zijn”. “Samen met anderen, met inbegrip van emeritus voorzitter Bossuyt, geloof ik dat de toegenomen complexiteit daartoe noopt”, klonk het bij de Nederlandstalige voorzitter. De Franstalige voorzitter daarentegen meent dat ook niet-juristen in het hoge rechtscollege mogen zetelen.