België staat voor een cruciale week: terwijl de coronamaatregelen steeds meer hun stempel drukken op de economie, stijgt het aantal patiënten dat intensieve zorgen nodig heeft. Gisteren raakte bekend dat het aantal bedden op intensieve zorg stevig uitgebreid kon worden, maar belangrijker is de vraag of de maatregelen, die het maatschappelijke leven zozeer beperken, stilaan hun vruchten beginnen af te werpen. De klok tikt immers onverbiddelijk voort.

Zaterdag waren er volgens Sciensano 1.380 mensen opgenomen in de ziekenhuizen als gevolg van de uitbraak van het corona-virus in België. 290 van hen lagen op intensieve zorgen. Daarmee zijn meer dan tien procent van de bedden op intensieve zorgen bezet door patiënten met het coronavirus, want de totale capaciteit bedraagt sinds zondag 2.650 bedden.

Werken de maatregelen?

De cruciale vraag is hoe de evolutie van het aantal patiënten dat intensieve zorgen nodig heeft de komende dagen zal evolueren. Als de maatregelen die de Belgische overheid ingevoerd heeft effect hebben, kunnen we verwachten dat de stijging stilaan zal overgaan in een lineaire curve, om uiteindelijk een plafond te bereiken.

Maar neemt de stijging niet af, en blijft ze zelfs een exponentiële curve volgen, dan moeten we vrezen dat tegen het einde van deze week de bedden op intensieve zorgen allemaal bezet zullen zijn. De laatste tien dagen steeg het aantal patiënten die intensieve zorgen nodig hadden gemiddeld met vijftig procent per dag. Om te weten wat er gebeurt wanneer de volledige capaciteit opgebruikt is, verwijzen we naar de berichtgeving uit Noord-Italië.

#FlattenTheCurve geen oplossing

Wat zou vandaag de strategie van de Europese overheden zijn om het coronavirus onder controle te houden? De ziekte gewoon laten voortwoekeren is uiteraard geen optie. #FlattenTheCurve, met gerichte maatregelen het aantal besmettingen zo klein houden dat er voor patiënten die dat nodig hebben voldoende capaciteit is op intensieve zorgen, doet het goed op de sociale media, maar is geen realistisch alternatief.

Zelfs als slechts één procent van de Belgische bevolking voor amper één week intensieve zorgen nodig zou hebben, en de huidige maatregelen ervoor kunnen zorgen dat de capaciteit net niet volledig opgebruikt wordt, dan leert een eenvoudige berekening dat we nog voor minstens een jaar in de huidige semi-lockdown zitten. Dit valt maatschappelijk noch economisch vol te houden. Bovendien is het nog niet helemaal zeker dat mensen die covid-19 doorgemaakt hebben immuun zijn voor een herbesmetting, ook al zijn er tekenen in die richting.

Griep en verkoudheden

Tenzij er snel een doeltreffende behandeling gevonden wordt tegen het corona-virus, of nog beter een vaccin, zijn er eigenlijk maar twee manieren om het virus op middellange termijn te bedwingen. De eerste manier is een volledige lockdown, om heel België virusvrij te maken. Maar dat vereist wel dat men voldoende tests kan uitvoeren om ook besmette personen zonder symptomen te kunnen opsporen, want anders zullen nieuwe broeihaarden steeds weer de kop opsteken.

De tweede manier is hopen dat het coronavirus hetzelfde patroon zal volgen als griep, verkoudheden en buikgriep. Die ziektes doven ook uit eens de lente doorbreekt, zonder dat daar groepsimmuniteit voor nodig is. In dit verband is het hoopgevend dat het coronavirus op het Afrikaanse continent en het Indische subcontinent voorlopig amper doorbreekt, al is het te vroeg om daar echt zeker van te zijn. De uitbraken in onder meer Australië en Brazilië, waar het nu zomert, zijn dan weer duidelijke tegenvallers. Misschien toch nog maar even wachten voor we een zomervakantie boeken?