Turkse aanklagers beschuldigen de Aramese monnik Aho van lidmaatschap bij een terroristische organisatie. Daarmee riskeert hij 15 jaar celstraf op te lopen. Gazete Karınca berichtte hierover.

Monnik Aho Sefer Beliçen leidde een gemeenschap in het Mor Yakub-klooster in de stad Nusaybin in de zuidoostelijke provincie Mardin van Turkije, het oude thuisland van de Arameeërs. De Turkse gendarme stormde op 9 januari het klooster binnen. Samen met negen andere leden van de Arameense gemeenschap werd hij vastgehouden wegens aantijgingen dat ze voedsel en water aan een PKK-lid zouden hebben gegeven.

Twee dagen later werd de monnik gearresteerd op beschuldiging van medeplichtigheid aan terrorisme. De Turkse aanklagers beschuldigen Aho Beliçen nu van het lidmaatschap van een terroristische organisatie.

Christelijke hulp

De reden voor de arrestatie van Bileçen was een getuigenis van een lid van de People’s Defence Forces (HPG), de militaire vleugel van de Koerdische Arbeiderspartij (PKK). Die zei dat Bileçen de HPG-leden met brood en water voorzag wanneer ze het klooster bezochten.
Zelf zegt hij dat het geven hulp aan mensen in nood deel uitmaakt van zijn geloof.

Monnik Aho is ondertussen op vrije voeten en in afwachting van zijn proces. Volgens de Turkse wetten staat op het lidmaatschap van een terreurorganisatie een gevangenisstraf van zeven en half jaar tot vijftien jaar. 

Terugkeer christelijke gemeenschap

De jaren negentig waren het hoogtepunt van het Turkse conflict met de PKK. Toen werden duizenden dorpen in het zuidoosten van het land geëvacueerd. Een groot deel van de resterende Aramese, Assyriërs en Chaldeeuwse christenen waren gedwongen om hun dorpen te verlaten.

De afgelopen jaren bleken de conflicten in de regio af te nemen. Dit maakte de terugkeer van de gemeenschap mogelijk. Daardoor kwam Bileçen bij het klooster terecht en begon hij aan de restauratie ervan. Het klooster kon opnieuw open voor het publiek in 2013.