Het Syrische parlement heeft donderdag de Armeense genocide – het uitmoorden van tot wel 1,5 miljoen Armeniërs in het Ottomaanse Rijk tussen 1915 en 1917 – erkend. De erkenning volgt op een reeks militaire confrontaties tussen Turkije en het Syrische regeringsleger in het noordwesten van Syrië.

“Het parlement veroordeelt en erkent de genocide op de Armeniërs door de Ottomaanse staat in het begin van de twintigste eeuw”, klinkt het in een verklaring door het Syrische parlement. De Armeniërs zoeken internationale erkenning om de massamoord als genocide te laten erkennen. Volgens hen werden er tussen 1915 en 1917 1,5 miljoen leden van hun volk vermoord in het Ottomaanse Rijk. Turkije heeft die beschuldigingen steeds ten stelligste ontkend. 

Turkse inval Idlib

De erkenning volgt op een reeks militaire confrontaties tussen Turkije en het Syrische regeringsleger in de noordwestelijke provincie Idlib. Daarbij zouden de laatste weken minstens 14 Turkse soldaten zijn omgekomen. Het Syrische regeringsleger heeft de laatste weken grote delen van de provincie heroverd met behulp van Russische luchtsteun. Hoewel Idlib gedomineerd wordt door jihadisten, stuurde Ankara de laatste weken soldaten en andere vormen van militaire hulp naar de provincie om de opstandelingen te helpen. Voor de recente spanningen in Idlib viel Turkije Syrië drie keer binnen in de afgelopen jaren. 

“We maken momenteel een Turkse agressie mee die berust op hetzelfde haatdragende Ottomaanse denken als de misdaden van Erdogan’s voorvaderen tegen het Armeense volk”, zei Syrisch parlementsvoorzitter Hammouda Sabbagh

Tienduizenden Armeense Syriërs sloegen op de vlucht

Voor het uitbreken van de Syrische burgeroorlog in 2011 telde het land 350.000 Armeense christenen. 150.000 van die Armeniërs woonden in Aleppo. Toen de Syrische regering de stad heroverde in 2016 bleven er slechts 10.000 over. De meesten sloegen op de vlucht voor jihadisten zoals Islamitische Staat en Ha’yat Tahrir al-Sham (HTS) – de Syrische tak van al-Qaeda. Die laatste groepering wordt nu impliciet gesteund door de Turkse aanwezigheid in Idlib. 

De Syrische erkenning van de Armeense genocide is symbolisch erg belangrijk, aangezien het gros van de gestorven Armeniërs destijds zijn dood vond in de Syrische woestijn – toen nog deel uitmakend van het Ottomaanse Rijk.