Twee jaar geleden stemde de federale meerderheid een nieuwe regeling rond bedrijfswagens. Dit laat werknemers met een bedrijfswagen toe om hun auto in te ruilen voor een mobiliteitsbudget. Het is sinds maart 2019 van kracht, maar lijkt een flop te zijn bij de werknemers. Bijna niemand maakt er gebruik van. Dat meldt Het Nieuwsblad.

Slechts 0,011 procent (of 11 op de 100.000) van de werknemers die voor de regeling potentieel in aanmerking kwamen, hebben effectief gekozen voor het mobiliteitsbudget. Ook cash for car komt niet van de grond, met eind 2019 amper 0,175 procent (of 175 op de 100.000) van de werknemers die hun bedrijfswagen hebben ingeruild tegen een geldsom. Dat blijkt uit een onderzoek bij meer dan 210.000 werknemers (bedienden en arbeiders) met een overeenkomst van onbepaalde duur in meer dan 32.000 ondernemingen.


Nochtans is dat voor veel mensen geen verrassing. Eerder bleek uit een rondvraag van HR-bedrijven SD Worx en vacature.com dat een meerderheid van de werknemers zijn bedrijfswagen niet wilde omruilen voor een mobiliteitsbudget. Critici noemden de regeling een zoveelste fiscale koterij. De regering zette toch door.

Die wil graag dat werknemers geen gebruik meer maken van de firmawagen, want die dragen bij aan de files en milieuvervuiling. De overheid heeft liever dat werknemers kiezen voor alternatieven zoals elektrische wagens, of met een fiscaal duwtje in de rug overstappen naar de fiets, het openbaar vervoer en autodelen. Het niet opgesoupeerde budget wordt op het einde van het jaar aan de werknemer uitbetaald.

Meerdere redenen voor flop

Annelies Baelus, directeur van Acerta Consult, dat het onderzoek deed, ziet meerdere reden voor de flop. “Een firmawagen wordt voor een periode van 4 tot 5 jaar geleased door de werkgever. Dat contract vervroegd beëindigen zou extra kosten meebrengen voor de werkgever. Daarnaast vraagt het beheer van het mobiliteitsbudget meer inspanningen van de werkgever dan het beheer van zijn vloot aan firmawagens”. Ze wijst er verder op dat er te weinig geschikte elektrische wagens beschikbaar zijn, en dat ze te duur zijn.

Ook de cash for car-regeling die men in 2018 uitwerkte, kent een zwakke start. Cash for car geeft de werknemer die afstand doet van zijn firmawagen in ruil alleen een bedrag in geld. In 2018 werden 0,065 procent van de firmawagens geruild voor een vergoeding, eind 2019 was dat 0,175 procent.

Toch wil de politiek niet te snel opgeven. Bevoegd minister Maggie De Block (Open Vld) denkt dat werkgevers en leasingbedrijven tijd nodig hebben om zich aan te passen. Haar partij pleit er nu voor om het mobiliteitsbudget open te stellen voor iedereen, ook voor de werknemers zonder bedrijfswagen.