Achttien “Piranha” pantservoertuigen van het Belgisch leger blijken tien jaar na aankoop niet in staat om antitankmunitie af te vuren. Ze zijn besteld door toenmalig minister van Defensie Andre Flahaut (PS). De kanonnen waren niet compatibel met de NAVO-standaarden maar werden, samen met de munitie, in Wallonië geproduceerd. Dat brengt De Morgen.

De AIV’s (armoured infantry vehicle) van het type Piranha IIIC moesten de opvolgers worden van de verouderde Léopard-tanks, en dus het meest krachtige oorlogsmateriaal voor de landcomponent.

Begin 2006 besliste minister Andre Flahaut om 40 pantserwagens uit te rusten met 90 mm-kanonnen. De keuze voor dat kaliber, dat door geen enkele NAVO-partner wordt gebruikt, was zeer omstreden. De toenmalige minister van Defensie bestelde de Piranha’s in 2006 bij de Zwitserse producent Mowag ter vervanging van de Leopard-tanks. Binnen Defensie rezen er toen al vragen, omdat 90 millimeter geen NAVO-standaard was. Ook de Leopard-tanks hadden een kanon met een grotere diameter. 

Omstreden aankoop

Van bij het begin was de weerstand tegen de aankoop van de pantservoertuigen groot. De Inspectie van Financiën wees de aankoop in 2005 twee keer af, omdat enkel het Luikse bedrijf CMI dergelijke 90 mm-kanonnen kon leveren en enkel Mecar de benodigde 90 mm-munitie produceerde. Die Mecar-fabriek staat in Nijvel, de thuisbasis van toenmalig defensieminister Flahaut.

Flahaut en zijn militaire top zijn altijd blijven beweren dat ook een 105 mm kanon eventueel overwogen werd, maar dat 90 mm “de juiste en logische keuze was“. Het Zwitsers bedrijf dat de voertuigen maakte, Mowag, sprak dat later tegen. Het bevestigde wat de Inspectie van Financiën al lang vermoedde: er speelden geen militaire redenen, het ging om jobs in eigen streek. Toen Pieter De Crem (CD&V) in 2007 minister van Defensie werd, blokkeerde hij de aankoop van 22 Piranha’s, maar het leger had toen reeds 18 voertuigen aangekocht.

(Lees verder onder de tweet)

Geen antitankcapaciteit 

Defensie kan de achttien antitankvoertuigen niet inzetten tegen andere tanks, nochtans de reden van hun aankoop. Het probleem ligt effectief bij het omstreden 90 millimeter-kanon (DF90) waarmee deze Piranha-voertuigen zijn uitgerust. In november 2019 gebeurden de laatste tests met het afvuren van pijlmunitie, die pantserdoorborend is. Volgens interne correspondentie van de landcomponent waren de resultaten negatief. “Gezien het feit dat de problemen (…) na ongeveer 10 jaar gebruik nog steeds niet verholpen zijn, heeft COL (stafchef van de landcomponent) beslist dat er niet langer geïnvesteerd zal worden in het Vtg (voertuig) als een volwaardige Atk (antitank)-capaciteit.

Het Direct Fire 90 millimeter-kanon van de Piranha rammelt langs alle kanten. Bij het vuren van pijlmunitie komen schroeven los, desintegreert bedrading door de hitte en breken kleppen. 

Volgens Defensie komt het probleem nu pas aan het licht omdat ze pas sinds mei 2017 beschikt over de pantserdoorborende munitie en pas sindsdien ermee kan vuren. De Piranha’s kunnen wel nog een ander type munitie afvuren, maar in tegenstelling tot de pijlmunitie is die niet pantserdoorborend. “De terugname van de resterende munitie maakt deel uit van een lopende onderhandeling met de firma Mecar”, klinkt het bij Defensie.

Verspilling belastinggeld

Volgens De Morgen vindt de onafhankelijke militaire vakbond ACMP het  “schrijnend dat het leger er niet in slaagt om in tien jaar dit probleem op te lossen. Als verspilling van overheidsmiddelen – en dus van belastinggeld – kan dit wel tellen.

België betaalde 69,9 miljoen euro voor deze pantservoertuigen met 90 mm-kanon. Er is in totaal ook voor meer dan 5 miljoen euro munitie aangekocht.

Lees ook:

Pijnlijk: Pantserwagens worden “compleet onbruikbaar” door update