Professor criminologie Charlotte Colman (UGent) geeft in een interview voor Knack enig inzicht in de huidige drugsoorlog tussen verschillende cocaïnebendes – veelal van Marokkaanse origine – in Antwerpen, ook wel de mocro-oorlog genoemd. Zo wordt duidelijk dat de bendes in België zijn opgeklommen van aanvankelijke ‘kleinhandelaars’, maar nog steeds moeten onderdoen voor de grotere mocromaffia in Nederland. Verder stelt Colman zich vragen over de typische denkpistes rond legalisering, die de criminaliteit zogezegd moeten oplossen. “Er is te weinig studiemateriaal om te kunnen zeggen dat legalisering werkt.”

Al jaren raast er een drugsoorlog in Antwerpen. Afgelopen weken nam deze toe in intensiteit. De ene granaataanslag na de andere volgden elkaar op. “Als er geweld is, wijst dat er meestal op dat de concurrentie op de drugsmarkt toeneemt. Daardoor gaan de bendes hun terrein verdedigen, vaak met geweld”, zo verklaart Colman. “Een tweede mogelijkheid is dat het om intimidatie gaat, bijvoorbeeld van personen die niet willen meewerken, of van bendeleden die eruit willen stappen. En er is natuurlijk ook de hypothese dat criminele organisaties iemand opzettelijk in het vizier van justitie en politie proberen te brengen. Op die manier kun je een vals spoor leggen, of een concurrent uitschakelen”.

Mocromaffia-bendes in België werden kabeljauwen in plaats van kleine garnalen, maar de haaien blijven in Nederland

De Antwerpse bendes staan blijkbaar wel niet bijzonder hoog in de cocaïneketen die van Latijns-Amerikaanse landen als Colombia tot Nederland en hier loopt. “Als het over de cocaïnehandel via België gaat, zitten de belangrijkste bendes in Nederland. België is in de cocaïnehandel een transitland: we hebben een fantastische internationale luchthaven en een enorme zeehaven, we liggen centraal in Europa, in het midden van de Schengenzone. Aanvankelijk zaten die Antwerpse bendes in wat we de detailhandel noemen: zeg maar het organiseren van de straatdealers”, aldus nog de criminologe via Knack. Maar “tegenwoordig zijn veel Antwerpse bendes opgeklommen naar de zogenaamde tussenhandel: het versnijden en verdelen van de cocaïne. Vermoedelijk komt dat omdat de organisatoren van de invoer de Antwerpse bendes op een bepaald moment uitbetaalden in cocaïne. Daardoor konden ze zelf coke op de markt brengen.”

Strengere controles in de Antwerpse Haven als oplossing voor de grote drugscriminaliteit zijn verder niet zo evident. Dit omdat er heel veel binnenkomt aan containers per dag in Antwerpen. Bovendien zit drugs “vaak in containers fruit. Als je die openmaakt, begint alles te rotten en is de hele lading om zeep.”

Vrijheid blijheid rond drugs mythe, zegt criminologe

Verder wil Colman ook enkele mythes wegwerken. Want de mocromaffia en de drugswereld in het algemeen zijn geen “ver-van-ons-bedshow […]. Mensen denken bij drugshandel spontaan aan gekke toestanden in Colombia of Mexico. Maar wij zijn, samen met Nederland, evenzeer een productieland”, aldus nog de UGent-wetenschapper. “Meer nog: we zijn hét productieland voor synthetische drugs. Wij zijn in het buitenland niet alleen bekend voor onze chocolade en frieten, maar ook voor onze synthetische drugs.” Die synthetische drugs – zoals ‘meth’ en amfetamines – zijn in tegenstelling tot de mocromaffia rond cocaïne overigens vaak in de handen van autochtone bendes, zeker in Nederland.

Legalisering verkleint de illegale markt, waardoor de concurrentiestrijd binnen die markt harder en gewelddadiger wordt.

Een andere mythe die de criminologe wil wegwerken is die rond legalisering, namelijk dat hiermee de criminaliteit zeker zou wegvallen. “Ik denk dat we heel goed moeten nadenken over de mogelijke gevolgen voor we het beleid aanpassen. Er bestaan verbazingwekkend weinig studies over welke impact zulke maatregelen hebben, en de conclusies van die studies zijn vaak dubbelzinnig”, zo luidt het verder. “Om een voorbeeld te geven: er is onderzoek gedaan naar de impact van legalisering op geweld. Dat onderzoek laat zien dat legalisering in eerste instantie leidt tot een toename van het geweld, in tweede instantie tot een stabilisering. Daar is ook een logische verklaring voor. Legalisering verkleint de illegale markt, waardoor de concurrentiestrijd binnen die markt harder en gewelddadiger wordt.”

In een sociale welvaartsstaat moet ook voorzichtig omgesprongen worden met middelen die grote gezondheidsimpact kunnen hebben, besluit Colman. “De jaarlijkse sociale kosten van het gebruik van legale en illegale drugs in ons land bedragen 4,63 miljard euro, omgerekend ongeveer 420 euro per inwoner. Het grootste deel van dat geld gaat naar hulpverlening, vooral voor alcohol- en tabaksverslaving. Het is dus niet zo dat het grootste deel van de kosten naar repressie gaat.”