Delphine Boël, de vermeende buitenechtelijke dochter van Albert II, heeft vrijdag een nieuwe juridische overwinning behaalt in haar strijd om erkend te worden door de koning-op-rust. Het Hof van Cassatie – de hoogste rechtbank van ons land – verwierp het beroep van Albert II tegen twee arresten van het Brusselse hof van beroep. Haar advocaten zullen nu vragen om de resultaten van het DNA-onderzoek aan het dossier te voegen en het vaderschap van de voormalige vorst vast te stellen.

Het hof van beroep van Brussel had Albert II eerder – op straffe van een dwangsom van 5.000 euro per dag – opgelegd om een DNA-staal af te geven in de zaak-Boël. Dat deed de koning-op-rust maar tegelijk tekende hij cassatieberoep aan tegen de beslissing, waardoor de analyse in een verzegelde envelop moest bewaard worden. Nu heeft het Hof van Cassatie – de hoogste rechtbank van ons land – het beroep van de voormalige vorst verworpen en keert het dossier terug naar het Brusselse hof van beroep.

De advocaten van Delphine Boël zullen nu vragen om de resultaten van het DNA-onderzoek aan het dossier toe te voegen. Met de procedure, die inmiddels al zeven jaar aansleept, wil de vermeende buitenechtelijke dochter het vaderschap van Albert II door de rechtbank laten vaststellen. Hoewel in de juridische wereld nooit iets helemaal zeker is, wordt de kans nu wel groter dat het resultaat van de DNA-analyse ook publiekelijk bekend zal geraken.

Nieuwe wending in het oneindige rechtbankverhaal van Boël

Nu Albert II zowat alle juridische mogelijkheden heeft uitgeput om de zaak-Boël op de lange baan te schuiven, nadert het einde van de saga met rasse schreden. Het Brusselse hof van beroep moet nu aan de hand van de DNA-resultaten opnieuw een beslissing nemen over de vraag van Boël omtrent de erkenning van de voormalige soeverein als haar vader. 

Wanneer het hof van beroep zich concreet zal buigen over het dossier is nog onduidelijk. Op een beslissing kan het zelfs nog maanden wachten zijn.

Heeft mogelijke erkenning gevolgen voor erfenis Albert II?

Indien Boël lukt in haar strijd om het vaderschap van Albert II door de rechtbank te laten vaststellen, wordt ze ook erfgenaam van de koning-op-rust. Zelf gaf ze echter steeds aan dit onbelangrijk te vinden. Haar voormalige wettelijke vader Jacques Boël zou zelfs een veel groter vermogen dan Albert II hebben. Voor Boël was het steeds om haar eigen identiteit en die van haar kinderen te doen.

Indien straks het vaderschap van de voormalige vorst vaststaat, wordt Boël de vierde wettelijke erfgenaam naast Koning Filip, prins Laurent en prinses Astrid. In principe heeft ze dan recht op een even groot erfdeel als haar halfbroers en -zus, maar Albert II zou haar gedeeltelijk kunnen onterven. In dat geval zou Boël nog recht hebben op één achtste van de erfenis.