Moslimextremisten die in een ander Europees land werden uitgewezen vanwege hun radicale opvattingen, worden niet opgevolgd in ons land. Dat blijkt uit het antwoord van bevoegd minister Koen Geens (CD&V) op een parlementaire vraag van Katleen Bury (Vlaams Belang). Staatsveiligheid beschikt niet over aanwijzingen dat ze gevaarlijk zijn, aldus Geens. 

In 2004 werd de radicale imam Mahmood Amr uitgewezen in Duitsland vanwege zijn deelname aan enkele duistere en terroristische organisaties. Zo was de man hoofd van de stichting Al-Aqsa, verboden in vele Europese landen, en lid van terreurbeweging Hamas. Dit alles was genoeg voor de Duitse autoriteiten om de man het land uit te zetten.

Niet gevolgd door Staatsveiligheid

Na zijn uitwijzing verhuisde Mahmood Amr echter niet naar het Midden-Oosten, maar naar België. In ons land houdt Amr zich bezig met de Belgische afdeling van Al-Aqsa (vandaag gekend onder de naam Aksahum, gevestigd in Molenbeek). Die afdeling zorgt voor fondsenwerving voor terreurbeweging Hamas en ze wordt ook verdacht van financiële steun aan de terroristen van Al-Quaida. 

De Al-Aqsa beweging staat al een tijdje op de lijst van het Office of Foreign Assets Control dat regeringen wereldwijd gevraagd heeft om de rekeningen van Al-Aqsa te blokkeren. Maar in België worden de rekeningen van de extremistische organisatie helemaal niet geblokkeerd, zo blijkt uit het antwoord van bevoegd minister Koen Geens (CD&V) op de vraag van Vlaams Belang. Volgens Geens financiert de beweging immers geen terreurgroepen, maar waterputten in Palestina. 

Daarnaast blijkt dat Mahmood Amr in ons land zelfs niet opgevolgd wordt door onze autoriteiten. Volgens minister Geens beschikt de Staatsveiligheid namelijk niet over aanwijzingen dat de man een gevaarlijke extremist zou zijn, waardoor er geen middelen worden ingezet om hem op te volgen. Dit terwijl de man dus in een andere Europees land net omwille van die feiten werd uitgewezen.

Vlaams Belang reageert furieus op die onthullingen. “De gevaarlijke wereldvreemdheid van Geens kent werkelijk geen grenzen”, klinkt het. “De laksheid die deze en vorige regeringen aan de dag hebben gelegd in het bestrijden van het moslimextremisme in dit land is werkelijk hemeltergend. Het mag dan ook niet verbazen dat België binnen Europa de draaischijf blijft van het moslimextremisme en -terrorisme. De regel zou nochtans zeer duidelijk moeten zijn: wie in een  andere lidstaat van de EU wordt uitgewezen omwille van extremistische activiteiten, heeft ook in België geen enkele plaats”, besluit Katleen Bury.