In Polen hebben de nationalistische sociaal-conservatieven van Recht en Rechtvaardigheid (PiS) opnieuw een verpletterende verkiezingsoverwinning behaald. De partij haalt volgens exitpolls 43,6 procent van de stemmen, goed voor een absolute meerderheid in de Sejm.

Recht en Rechtvaardigheid (PiS), de conservatieve regeringspartij van Polen, lijkt opnieuw op een grote verkiezingsoverwinning af te stevenen. Volgens de eerste exitpolls haalt de partij 43,6 procent van de stemmen, een goede 5 procentpunten meer dan in 2015.

Oppositie volgt op ruime afstand

De liberale Burgercoalitie volgt op ruime afstand met 27,4 procent. De sociaaldemocratische SLD wordt derde met 12,4 procent. De centrumrechtse PSL lijkt 9,1 procent te halen. Konfederacja – een verzameling van rechtsnationalisten, monarchisten en libertariërs met als bekendste gezicht Janusz Korwin-Mikke – haalt de kiesdrempel en haalt 6,4 procent.

Volgens die resultaten zou PiS opnieuw een absolute meerderheid behalen van 239 in de 460 zetels tellende Sejm, het Poolse parlement. De Burgercoalitie zou 130 zetels halen, SLD 43 zetels, PSL 34 en Konfederacja 13. De Duitse minderheid heeft eveneens een zetel. De opkomst was naar Poolse normen bijzonder hoog, nog nooit gingen zoveel Polen stemmen sinds de val van het communisme. 

Nationalisme en gul sociaal beleid

PiS wist te scoren met een gul sociaal beleid, maar ook met een assertieve en nationalistische houding tegenover Brussel. Ondanks de overwinning klonk partijleider Jarosław Kaczyński nuchter op het partijhoofdkwartier in Warschau. “We hebben veel gekregen, maar we verdienen meer”, klinkt het.

“Dit betekent een verplichting voor ons, een verplichting voor meer werk, meer ideeën, kijken naar de groepen die ons niet steunden. We zullen een heleboel dingen moeten overwegen”, zei Kaczyński. Hij had het over een “enorm front tegen ons”.