Begin dit jaar lanceerde N-VA-voorzitter Bart De Wever het voorstel om Belgische IS-strijders te laten berechten door Irak. De Iraakse minister van Buitenlandse Zaken Ali Alhakim laat nu, in een gesprek met NRC, evenwel verstaan dat daar weinig animo voor bestaat. “We zijn al overladen met casussen van terroristen. En kijk alleen al naar het kamp Al-Hol in Syrië waar 70.000 IS-strijders vastzitten. We weten dat 30.000 van hen Irakees zijn. En dan zouden we die andere 40.000 erbij krijgen?”, stelt hij tegenover de Nederlandse krant.

Eerder maakte De Wever duidelijk dat zijn partij, voor de vervolging van Belgische IS-strijders, naar Irak kijkt. “Laat ze berechten daar waar ze hun misdaden hebben gepleegd, in dit geval Syrië of Irak. In concreto betekent dit Irak”, klinkt het. In Irak evenwel riskeren de Belgische IS-strijders de doodstraf. Hiermee had De Wever, zo liet hij uitschijnen, geen principieel probleem. “We zouden kunnen proberen te bekomen dat men de doodstraf niet uitvoert voor onderdanen van Europese origine. Dat zou kunnen als dat voor de Europese landen wenselijk is. Ik persoonlijk heb er eigenlijk geen probleem mee”, klonk het.

Bij de Iraakse minister van Buitenlandse Zaken, die momenteel in Nederland is, valt een ander geluid te horen. Zo wil de Iraakse regering allerminst Europese IS-strijders, die geen misdrijven in Irak pleegden, vervolgen. “Wij nemen de verantwoordelijkheid voor onze burgers, hun vrouwen en kinderen”, citeert NRC Alhakim. Europese landen, zoals België, zouden volgens hem hetzelfde moeten doen met hun onderdanen. Ook de doodstraf laten vallen – een harde eis van de Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken, Stef Blok (VVD) – ziet Alhakim “absoluut niet” zitten.

Niet genoeg budget, niet genoeg rechters

Irak is momenteel, volgens minister Alhakim, “al overladen met casussen van terroristen”. “Kijk alleen al naar het kamp Al-Hol in Syrië waar 70.000 IS-strijders vastzitten. We weten dat 30.000 van hen Irakees zijn. En dan zouden we die andere 40.000 erbij krijgen? Er is ook nog een kleiner kamp met twaalf- tot vijftienduizend IS-strijders en nog een met 25.000 strijders van al-Nusra”, klinkt het.

Daarnaast staat volgens de Iraakse minister van Buitenlandse Zaken de wet niet toe dat buitenlanders worden berecht voor misdaden die buiten Irak werden begaan. Tevens beschikt het land niet over voldoende budget of rechters. “We moeten bewijs vinden en elke zaak zal twee tot drie jaar duren. Het is niet in een half uurtje klaar”, aldus Alhakim tegenover NRC.

Lees meer:

De Wever: “Berecht IS-strijders waar ze misdaden pleegden”

Inhoud niet beschikbaar.
Accepteer cookies door op Accepteren in de banner te klikken