Hafsa Sliti, de vrouw met de Belgische nationaliteit die sinds begin 2018 gevangen zit met haar twee kinderen in het Koerische Al-Roj-kamp in Syrië, wil terugkeren naar België. En de Brusselse kortgedingrechter heeft beslist dat de Belgische 75 dagen heeft om op deze wens moet ingaan. Dat rapporteert onder meer Het Laatste Nieuws.

Sliti’s vader is een oud-gediende van Al Qaida en sloot zich eind 2014 aan bij de radicalere afsplitsing in Syrië: de islamistische terreurgroep IS. Zijn dochter volgde niet veel later begin 2015 hem achterna. Maar het ‘kalifaat’ ging strijdend ten onder en Sliti werd gevangen door de Koerdische SDF-strijdkrachten. Eens gevangen betuigde ze haar spijt aan een journalist vorig jaar en uitte ze de wens om naar België terug te keren. Een boodschap die ook vele andere gevangen Belgische jihadisten brachten.

IS-strijdster won haar rechtszaak vanuit gevangenkamp in Syrië via advocaat Nicolas Cohen: “De situatie in het kamp is dramatisch”

Sliti’s advocaat Nicolas Cohen bepleitte haar zaak echter voor de Brusselse Kortgedingrechter. “De situatie in het kamp is dramatisch, zeker sinds de Turkse operatie in die regio”, pleitte haar advocaat Nicolas Cohen vorige week. “Die heeft de bevoorradingsroutes naar het kamp afgesneden. Deze Belgische onderdanen vragen de hulp van hun overheid, die al sinds februari 2018 weet dat ze in dat kamp verblijven. Zelfs de federale procureur en het hoofd van OCAD hebben al herhaaldelijk gezegd dat het beter zou zijn al die kinderen, en zelfs de Syriëstrijders zelf, naar België te repatriëren.” De eis voor de rechtbank was dat de Belgische overheid reisdocumenten voor Sliti en haar kinderen zou afleveren en die aan een bepaalde ngo zou bezorgen. Die ngo zou met de papieren bemiddelen met de Koerdische bewaking van het kamp.

De Brusselse – Franstalige – kortgedingrechter is nu op die algemene eis ingegaan. De Belgische staat heeft 75 dagen om te voldoen aan de uitspraak en de vrouw en de kinderen te repatriëren. Op welke manier de overheid dat moet doen, is vrij te bepalen echter.

De reacties op het nieuws zijn gemengd. De vzw Child Focus is alvast tevreden en hoopt dat alle 69 kinderen uit de conflictzone worden weggehaald, zo zegt de organisatie in Het Nieuwsblad donderdag. De rechtse partij Vlaams Belang noemt het voorval dan weer “onvoorstelbaar”, op Twitter. “Met dit precedent brengt een wereldvreemde rechter de (toekomstige) veiligheid van de bevolking in gevaar. Wie het barbaarse IS-regime is gaan ondersteunen, hoort niet langer thuis in onze maatschappij!”

(Lees verder onder de tweet.)

Niet eerste keer België veroordeeld wordt om IS-kinderen terug te halen

Foto: Facebook Sliti. Sliti in onverdachte en ongeradicaliseerde tijden in 2010.
Foto: Facebook Sliti. Sliti in onverdachte en ongeradicaliseerde tijden in 2010, zonder hoofddoek of boerkini.

Het verdict toont nog eens aan hoe verdeeld zelfs het Belgisch gerechtelijk stelsel is over de materie. In december 2018 oordeelde dezelfde rechtbank nog dat “de Belgische Staat […] alle noodzakelijke en mogelijke maatregelen [moet] nemen om de zes minderjarige kinderen (van IS-strijdsters Tatiana Wielandt en Bouchra Abouallal, red.) vanuit Syrië naar België te kunnen laten reizen”. Enkele maanden later, in februari van dit jaar, besliste het Brusselse hof van beroep dan weer dat België dit niet moest doen.

Toch ging de Belgische staat over tot het terughalen van IS-kinderen vanaf maart. In juni van dit jaar werd dan weer een operatie gestart om ook actief IS-kinderen jonger dan tien terug te halen uit Irak en sloot daaromtrent een akkoord met de lokale Koerdische autoriteiten.

Wat zijn de risico’s die uitgaan van de IS-vrouwen?

Maar ondanks de boodschappen van OCAD in de pers waarschuwde de Nederlandse inlichtingendienst AIVD en de Belgische Staatsveiligheid vorig jaar nog voor het risico dat uitgaat van jihadi-vrouwen en hun kroost. Voorheen kregen vrouwen van jihadisten immers een ondersteunende rol op de achtergrond. Maar vandaag hebben zij steeds vaker een actieve en zelfs militaire rol.

“Aanslagen door strijdsters zijn in principe niet langer een ideologisch-religieus taboe”luidde het vorig jaar in De Tijd. Ook de recente ideologische rol die jihadi-vrouwen afkomstig uit het Westen speelden/spelen, is cruciaal voor het moderne islamisme. Denk aan het meegeven van de islamistische dogma’s en opvattingen aan de kinderen, over het rekruteren van andere vrouwen, tot een actieve rol in de vrouwelijke hisba – een islamitische religiepolitie. Dat is een rol die Westerse jihadi-vrouwen in het Syrische gevangeniskamp van Al-Hol nu overigens met verve opnemen, en die men ook in Europa kan uitvoeren.