Er komt een harde knip in het hoger onderwijs. Wie aan zijn/haar masteropleiding wil beginnen, moet eerst zijn/haar bacheloropleiding volledig hebben afgewerkt. De kersverse Vlaamse regering van minister-president Jan Jambon (N-VA) wil hiermee paal en perk te stellen aan de steeds langere studies van de Vlaamse jongeren en daardoor de activiteitsgraad doen groeien. Dat brengt Het Laatste Nieuws.

Op basis van data die De Standaard enkele weken geleden verzamelde bleek 35 procent van de studenten die vorig jaar aan de KU Leuven een bachelordiploma behaalden al aan mastervakken waren begonnen. Aan de UHasselt werkt dan weer zo’n 15 procent van de masterstudenten nog hun bachelor af. Een ‘harde knip’ moet hier nu paal en perk aan stellen.

Studenten zullen beter moeten studeren, en ook het aanbod van opleidingen zal bewuster georganiseerd worden

De redenering hier achter is als volgt: Op korte termijn zou de studietijd wel iets langer kunnen duren – omdat niet volledig geslaagde bachelorstudenten dan niet reeds kunnen starten met hun masteropleiding – maar op termijn zullen studenten extra gemotiveerd zijn om hun bachelor tijdig af te werken. Rik Van de Walle, rector van de UGent, vond het voorstel eerder al nuttig, maar wil dan wel dat universiteiten milder mogen delibereren in de bachelor-opleiding. Dat doet dan echter vragen rijzen over de kwaliteit van afgestudeerde bachelors.

Verder moet de ‘Soete-norm’ de wildgroei aan allerlei opleidingen in het hoger onderwijs stopzetten. Concreet moeten bacheloropleiding overheen de drie jaren minstens 115 studenten tellen, masterrichtingen tijdens hun duur 20. Als dat niet lukt, dient er worden te hervormd. Werkgeversorganisaties zoals VOKA zeiden reeds dat de grotere opleidingen de kleinere subsidieerden, “en dat vermindert de efficiëntie van het hoger onderwijs”, zo luidde het eerder. Er zal dus geknipt worden in de maar liefst 550 bachelor-opleidingen die er thans bestaan. Ook deze maatregel kan op begrip rekenen bij de leiding van de UGent en UAntwerpen.