Het Amsterdam Museum zal het gebruik van de term ‘Gouden Eeuw’ met onmiddellijke ingang stopzetten. De term zou immers negatieve kanten van de periode zoals “armoede, oorlog, dwangarbeid en mensenhandel” negeren en het “streven naar inclusiviteit en het tonen van meerdere perspectieven” in de weg staan.

Met de term ‘Gouden Eeuw’ wordt in Nederland verwezen naar de 17de eeuw, toen de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden een economische en militaire wereldmacht was. Ook was dit tijdvak een bloeiperiode voor kunst, cultuur en wetenschap. Volgens het museum staat de term echter het “streven naar inclusiviteit en het tonen van meerdere perspectieven op de geschiedenis in de weg”.

“Perspectief van machthebbers”

“In de Westerse geschiedschrijving neemt de ‘Gouden Eeuw’ een belangrijke plek in die sterk gekoppeld is aan nationale trots, maar positieve associaties met de term zoals voorspoed, vrede, weelde en onschuld dekken de lading van de historische werkelijkheid in deze periode niet”, zegt conservator Tom van der Molen. “De term negeert de vele negatieve kanten van de zeventiende eeuw als armoede, oorlog, dwangarbeid en mensenhandel.”

Volgens het museum werd de Nederlandse ‘Gouden Eeuw’ te lang “slechts vanuit het perspectief van de machthebbers […] bezien [waardoor] veel verhalen helemaal niet verteld worden”.

“‘Gouden Eeuw’ beperkt ruimte tot dialoog”

“Iedere generatie en elk persoon moet in staat worden gesteld zijn of haar eigen verhaal over de geschiedenis te vormen. De dialoog daarover heeft ruimte nodig, de naam ‘Gouden Eeuw’ beperkt die ruimte”, zegt van der Molen verder.

De koerswijziging laat zich bijvoorbeeld meteen gelden in de tentoonstelling ‘Hollanders van de Gouden Eeuw’, die wordt herdoopt naar ‘Groepsportretten van de 17e eeuw’.