Migratie? “Scherpere taal”. Een nieuwe naam? “Dat kan de kers op de taart zijn”. Ooit voorzitter? “Ik ga nu niets uitsluiten”. De nieuwe sp.a-fractieleider in het Vlaams Parlement, Conner Rousseau, blaakt van ambitie. Ook in zijn partij blijft hij vertrouwen hebben. “Zorgen voor zekerheid. Dat is sp.a”, stelt hij tegenover De Zondag. “Zie de stijging van de kinderarmoede. Zie de lage pensioenen. Dát rechtzetten, dát is onze bestaansreden”

De verkiezingen brachten de Vlaamse socialisten weinig goeds. Integendeel, naast een stevig verlies staken ook interne vetes de kop op. Zo moest van Vilvoords burgemeester Hans Bonte voorzitter John Crombez – ondanks zijn goede, persoonlijke score – vertrekken. “We moeten een duidelijk verhaal hebben, met een duidelijke strategie. Dus ik denk dat we daarom absoluut een nieuwe voorzitter moeten hebben”, klonk het bij Bonte. Hoewel Crombez daaropvolgend een vertrouwensstemming overleefde, blijven de ambities van de voorzitter onduidelijk. Gaat hij straks opnieuw voor het voorzitterschap? Heeft hij zijn zinnen gezet op een ministerpost?

Volgens Rousseau is alle schuld op Crombez afschuiven te eenvoudig. “Was het zo makkelijk, dan smeten we John buiten, kozen we een nieuwe voorzitter en zijn alle problemen van de baan. Neen, dus. Ik geloof daar niet in. We verliezen al zestien jaar verkiezingen, hè. Laat ons eerlijk zijn: we kampen met meerdere problemen. De internationale trend is één. Maar de geloofwaardigheid is het grootste probleem. Het helpt echter niet dat die mensen telkens opnieuw naar buiten komen met hun kritiek. Ze moeten hun bagger intern uitspuwen”, stelt het politieke talent tegenover De Zondag. Zelf sluit Rousseau niet uit dat hij ooit voor de voorzittersstoel gaat. Ook een nieuwe naam is in dat kader geen taboe.

Rousseau: “Ik geloof níet dat achttien procent van de Vlamingen racistisch is”

Het succes van het Vlaams Belang valt volgens Rousseau te verklaren aan de hand van migratie. “Zelfs vrienden van mij hebben daarvoor gestemd. Ik vind dat jammer. Ik geloof níet dat achttien procent van de Vlamingen racistisch is. Ik geloof wél dat er een verkeerd beeld bestaat over nieuwkomers. Veel mensen denken dat zij alles in hun schoot geworpen krijgen. Dat is niet zo. Maar we moeten óók naar onszelf kijken. Wij gaan scherpere taal moeten spreken”, klinkt het.

(Lees verder onder de ingevoegde tweet.)

Zelf kijkt hij in de eerste plaats naar integratie. “Wat stoot tegen de borst? Dat iemand niet werkt en de taal niet spreekt, maar toch een uitkering krijgt. Dat werkt in op het rechtvaardigheidsgevoel. Dat begrijp ik ook. Wie wil genieten van de sociale zekerheid, moet ook bijdragen. Ik ben daarom voor bindende afspraken. Wie een uitkering krijgt, moet de taal leren en werk zoeken. Alleen zo kunnen we dat beeld bijstellen. Dat moet onze boodschap zijn”, stelt Rousseau tegenover De Zondag.

Keuze voor de oppositie

Hangt het van de fractieleider af, dan kiezen de socialisten voor de oppositie, “of toch de komende vijf jaar”. “Een langdurig zieke moet eerst genezen vooraleer hij weer gaat werken. Ik geloof dat mijn partij nog vijf jaar nodig heeft voor een grondige re-design. Ik heb trouwens niet de indruk dat de kiezer het signaal gegeven heeft dat wij opnieuw moeten besturen. Wij moeten nu bescheiden zijn. En wat zouden wij doen in een regering met onze tien procent? Ik vrees dat we niet veel breekpunten zouden binnen halen”, stelt hij tegenover De Zondag.