Het Nederlandse Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) onderzocht de Nederlandse identiteit en publiceerde vandaag het rapport ‘Denkend aan Nederland’. De meeste Nederlanders – ongeacht afkomst, leeftijd of opleidingsniveau – lijken “opvallend” eensgezind te zijn over wat tot de Nederlandse nationale identiteit behoort. Als grootste bedreigingen voor die identiteit worden polarisatie en islam genoemd.

Het Nederlandse Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) onderzocht de Nederlandse identiteit en publiceerde vandaag het rapport ‘Denkend aan Nederland’. Daarvoor werden de afgelopen twee jaar zo’n 5.000 Nederlanders ondervraagd over wat zij verstaan over die identiteit. Het SCP concludeert dat men “opvallend” vaak dezelfde elementen als typisch en verbindend Nederlands beschouwd, ongeacht de afkomst, leeftijd of het opleidingsniveau van de ondervraagden.

Nederlandse taal

“Er is de laatste jaren veel over de Nederlanders en hun identiteit geschreven, gezegd en gedebatteerd, maar wij hebben hen zelf bevraagd. En dan blijkt dus ondanks de soms felle discussies dat er opvallend veel eensgezindheid is”, zegt SCP-directeur Kim Putters.

Bovenaan de lijst prijkt de Nederlandse taal. Daarna volgen Koningsdag, pakjesavond en Sinterklaas, fietsen, de Elfstedentocht, de Nederlandse vlag, de Deltawerken, Dodenherdenking en Bevrijdingsdag. Ook waarden als ‘vrijheid’ en de ‘gelijkheid van man en vrouw’ worden vaak genoemd. Over het algemeen worden religies niet als onderdeel van de Nederlandse identiteit beschouwd, al wordt het christendom wel vaker genoemd dan de islam.

Polarisatie en islam grootste bedreigingen

Ook over wat men als bedreiging voor de Nederlandse identiteit beschouwt blijkt er eensgezindheid. Polarisatie werd daarbij het vaakst genoemd. De islam wordt gezien als de op één na grootste bedreiging voor de Nederlandse identiteit, gevolgd door bureaucratisering. Ook klinkt er hier en daar onvrede over ‘de verengelsing’.

Volgens het SCP kan men de Nederlanders opdelen in twee ‘oriëntatietypen’: ‘symbool-Nederlanders’ die gehecht zijn aan traditie en zij die belang hechten aan burgerlijke vrijheden zoals godsdienstvrijheid en demonstratierecht. Al wordt ook benadrukt dat 80 procent van de Nederlands niet exclusief tot één van die twee categorieën behoort.

“Waar voor de één ‘vrijheid’ betekent dat je vrij bent om vast te houden aan bepaalde tradities, is voor de ander ‘vrijheid’ juist de mogelijkheid om daar tegen te demonstreren”, klinkt het. Volgens het SCP zorgt die tegenstelling regelmatig voor botsingen. Als voorbeeld worden de discussie rond Zwarte Piet en de demonstraties bij de intocht van Sinterklaas aangehaald.