Het Syrische regeringsleger is een nieuw grootschalig offensief gestart in Idlib, het laatste grote gebied dat nog in handen is van opstandelingen. Het merendeel van de rebellen in het gebied zijn islamisten zoals Hayat Tahrir al-Sham, waartoe groeperingen behoren die in het verleden banden hadden met al-Qaeda.

De Syrische regering van president Bashar al-Assad heeft sinds eind april een nieuw offensief ingezet in Idlib, in het noordoosten van Syrië. Met Russische militaire steun probeert men de controle te herwinnen over twee belangrijke snelwegen tussen Aleppo en het kustgebied Latakia – beide in handen van de Syrische regering.

Laatste grote rebellenenclave

Idlib is een van de weinige gebieden in Syrië die nog in handen is van de opstandelingen. Het merendeel van de rebellen in het gebied zijn islamisten zoals Hayat Tahrir al-Sham, waartoe groeperingen behoren die in het verleden banden hadden met al-Qaeda. In het gebied wonen momenteel bijna drie miljoen mensen. Velen van hen zijn afkomstig uit andere gebieden van Syrië.

Vorig jaar stond de Syrische regering al op het punt om een grootschalig offensief te beginnen in Idlib. De aanval werd uitgesteld nadat Rusland een overeenkomst met Turkije had gesloten. Het akkoord voorzag tevens in de oprichting van een ‘gedemilitariseerde zone’ in de regio.

De Russen sluiten intussen niet uit dat ze de rest van Idlib willen heroveren. De herovering van Idlib zou ook de invloedssfeer die Turkije de afgelopen jaar in het gebied heeft opgebouwd ondermijnen. Volgens de Russen heeft Ankara niet genoeg gedaan om jihadisten uit het gebied te verwijderen. Volgens Moskou was dat juist een van de voorwaarden van het akkoord.

ADVERTENTIE