De Vlaamse liberalen pleiten voor een (gedeeltelijke) privatisering van het Limburgse net. De reden? Een privatisering verhoogt, althans volgens de liberalen, de kwaliteit van het spooraanbod. Dit zorgt immers voor een bedrijfsmatige aanpak in een marktomgeving. Deze concurrentie zal de NMBS een wake-up-call geven, zoals de komst van VTM deed met de muffe staatszender die de BRTN was maar ook B-Post en Proximus zijn succesvolle voorbeelden van de liberalisering”, klinkt het bij Patrick Dewael en Nele Lijnen in een persbericht. 

Volgens de liberalen is de NMBS in Limburg gebuisd, ook in tweede zit. Hun oplossing? De vervoersregio Limburg en investeringsmaatschappij LRM meer ‘vrijheid’ geven. Concreet willen de liberalen in Limburg de liberalisering van het spoor uittesten, iets wat ook in het regeerakkoord moet verschijnen.

‘Nederland toont aan dat het werkt’

De liberalen vinden het warm water naar eigen zeggen niet opnieuw uit. Integendeel, Dewael en Lijnen kijken expliciet naar Nederlands Limburg. “In Nederland bestaat de mogelijkheid om regionale concessies uit te schrijven voor het spoor- én busvervoer. Spoorlijnen die de NS – de Nederlands Spoorwegen – te duur vond om te exploiteren, bleken plots toch bijzonder rendabel te kunnen zijnstelt Lijnen in een persbericht.

“Kwaliteitsvol materieel en een klantgericht aanbod zorgden voor een enorme reizigersgroei. In de provincie Limburg leidde dit ertoe dat de NS uiteindelijk zeer ver ging om mee te bieden op lijnen die ze zelf voordien wilden sluiten. In Nederlands Limburg heeft deze ‘privatisering’ tot zeer positieve resultaten geleid voor de reiziger én de belastingbetaler” klinkt het bij Dewael.

Spoorinfrastructuur blijft in het liberale voorstel evenwel in handen van de overheid. Daarnaast bepaalt de overheid een mobiliteitsvisie en schrijft ze concessie’s uit, iets waar private ondernemers op kunnen bieden. Uiteindelijk, zo redeneren de liberalen althans, maakt het niet uit welke kleur een trein of bus heeft, zolang het maar werkt.