Met 254.000 extra jobs, een verbetering van de concurrentiekracht en een groei van 6,3 procent kan de regering-Michel geen onaardige economische cijfers voorleggen. In weekblad Knack nuanceert econoom Gert Peersman (UGent) evenwel deze cijfers. “De koopkracht van een gemiddeld gezin in België is onder de regering-Michel met meer dan 1.000 euro gestegen. Als wij dezelfde evolutie hadden gekend als het Europese gemiddelde, zou onze koopkracht met ruim 2300 euro gestegen zijn”, klinkt het. Andere economen zijn iets voorzichtiger.

De Zweedse regering kondigde zich bij haar aantreden als een economische herstelregering aan. In plaats van het communautaire zou het economische nu alle aandacht krijgen. Econoom Gert Peersman schetst tegenover Knack evenwel geen al te rooskleurig plaatje van vijf jaar Zweeds. “Qua groei behoren we tot de slechtste van de klas, er zijn minder jobs bij gekomen dan we mochten verwachten, de loonmatiging heeft niet geleid tot meer jobs en de prijzen zijn zelfs abnormaal gestegen, ons begrotingstekort is onvoldoende afgebouwd en zal de volgende jaren zelfs opnieuw toenemen, en onze koopkracht is veel minder toegenomen dan elders in Europa”, klinkt het.

Hoewel de koopkracht van een gemiddeld gezin in België met zo’n 1.000 euro toenam, doen we het in vergelijking met onze buurlanden niet al te best. “Als wij dezelfde evolutie hadden gekend als het Europese gemiddelde, zou onze koopkracht met ruim 2300 euro gestegen zijn. Met andere woorden: in vergelijking met die andere landen zijn we zeker de helft van de koopkrachtstijging misgelopen”, concludeert Peersman.

Van de Cloot: “Hervormingen wegen op korte termijn op de groei”

Ivan Van de Cloot, hoofdeconoom bij denktank Itinera, is iets prudenter. Zo wegen volgens hem verschillende hervormingen, op korte termijn, op de groei. “Het is problematisch om de regering daar te sterk op af te rekenen”, stelt Van de Cloot. Daarnaast wijst de Itinera-hoofdeconoom naar de regering-Di Rupo. “De belangrijkste zin van Gert Peersman is dat ‘de mildere crisis in vergelijking met de buurlanden deels verklaard kan worden door een minder uitgesproken boom vóór de crisis, terwijl we die voorsprong al zijn kwijtgespeeld tijdens de regeerperiode-Di Rupo.’ Veel van de rest wat hij vaststelt volgt hieruit”, laat hij in Knack optekenen.

(Lees verder onder de ingevoegde tweet.)

Ook econoom Peter De Keyzer is van mening dat de doorgevoerde hervormingen tijd nodig hebben. Daarnaast plaatst hij vragen bij de Belgische mogelijkheid om beleid te voeren. “Als open economie golven we op de conjunctuur. In tegenstelling tot Frankrijk of Duitsland kunnen wij moeilijker het verschil maken met nationaal beleid”, klinkt het. Verder zijn volgens De Keyzer structurele Belgische problemen, zoals bijvoorbeeld de werkzaamheidsgraad, moeilijk op vijf jaar tijd op te lossen.

ADVERTENTIE