Volgens de Sri Lankaanse viceminister van Defensie Ruwan Wijewardene waren de meeste daders van de terreuraanslagen in Sri Lanka “hoogopgeleiden” met welvarende families. Het dodental van de aanslagen op Pasen tegen christenen en toeristen is intussen gestegen tot meer dan 350.

“De meesten zijn hoogopgeleid en komen uit de hogere middenklasse. Ze zijn financieel vrij onafhankelijk en hun families zijn financieel vrij stabiel”, zei viceminister van Defensie Ruwan Wijewardene op woensdag. “Hun redenering is dat de islam de enige religie in dit land kan zijn.”

Tal van voorbeelden van rijke en hoogopgeleide jihadisten

“Een van de zelfmoordterroristen studeerde in het Verenigd Koninkrijk en deed later een postdoctorale studie in Australië, voordat hij terugkwam om zich in Sri Lanka te vestigen”, klinkt het verder. Het zou gaan om Abdul Lathief Jameel Mohamed. Hij zou niet opgevolgd zijn door de Britse inlichtingendiensten. Twee van de terroristen zouden zonen zijn van een rijke kruidenhandelaar uit Colombo. Zij hebben zichzelf opgeblazen in de  ‘Shangri-La’ en de ‘Cinnamon Grand hotels’.

Ondanks het heersende narratief dat radicalisering veroorzaakt wordt door armoede, zijn er tal van voorbeelden van jihadisten en terroristen van welgestelde komaf: verschillende van de vliegtuigkapers van 11 september 2001, ‘Jihadi John‘ van Islamitische Staat – die aan de Universiteit van Westminster in Londen studeerde – en al-Qaeda-oprichter Osama Bin Laden.

Meer dan 350 doden

Bij de aanslagengolf in Sri Lanka op Paaszondag werden kerken – waar christenen op dat moment verzamelden voor de Paasviering – en hotels geviseerd. Er vielen meer dan 350 doden en 500 gewonden. Sri Lanka is voornamelijk een boeddhistisch land, maar heeft grote minderheden van hindoes (12,6%), christenen (7,4%) en moslims (9,7%).

Islamitische Staat heeft de aanval opgeëist. Volgens Wijewardene waren er twee plaatselijke radicale islamistische groeperingen betrokken waren: National Thowheeth Jama’ath en Jammiyathul Millathu Ibrahim.

ADVERTENTIE