Minister van Justitie, Koen Geens (CD&V), verheft extra middelen voor Justitie tot een strijdpunt. “In vergelijking met Nederland of Duitsland investeren we per inwoner zo’n 40 euro minder in Justitie. Zo kan het niet langer”, laat hij in De Standaard optekenen. Opmerkelijk: de minister beschouwt deze eis voor zichzelf als een resultaatsverbintenis. Komt er geen forse financiële injectie in het gerechtelijk apparaat, dan zal Geens zichzelf niet opvolgen.

Van een plafond dat instort, tot het moeten aanwenden van emmers om het binnensijpelende regenwater op te vangen; de financiële noden van Justitie zijn al een aantal jaren duidelijk. Hangt het van Geens af, dan krijgt ons ondergefinancierde justitiële apparaat na de verkiezingen wat budgettaire ademruimte. “Ik ben vijf jaar lang loyaal geweest en heb gevochten voor elke millimeter. Maar ondanks de inhaalbeweging blijven de uitdagingen levensgroot”, klinkt het fors bij de minister.

Concreet stelt Geens een begrotingsinjectie van zo’n 750 miljoen euro per jaar voor. “Dit bedrag omvat 130 miljoen om de personeels- en werkingsnoden te ondersteunen, 35 miljoen om meer informatica-investeringen te doen en 120 miljoen om meer burgers pro deo toegang tot het gerecht te geven. Daarnaast is er nog  een verhoging van 250 miljoen euro vereist voor de Justitiegebouwen en gevangenissen. Bijkomend is nog 200 miljoen nodig voor het gevangeniswezen, zijn personeel, zijn gedetineerden en hun zorgen, voor de centrale administratie en voor de Staatsveiligheid”, klinkt het in een persbericht.

“Mensen vragen steeds meer veiligheid en bescherming, ook binnen de persoonlijke levenssfeer… dat kost geld”, stelt Geens. “Als je daar niet in investeert, zal de dienstverlening op een bepaald moment mank lopen. Daarvoor is ongeveer zo’n 750 miljoen euro extra nodig. Voor mij doet het er niet toe wie daarvan de eer zal opstrijken. Het belangrijkste is dat er een betere justitie komt. Dat is het enige waar ik constant naar heb gestreefd en voor zal blijven streven.” 

“Voorwaarde om nog eens Justitieminister te worden”