N-VA-voorzitter Bart De Wever vindt dat het tijd is voor excuses voor de wreedheden die onder de koloniale periode gebeurd zijn in Congo. Daarvoor moeten we volgens hem naar het Belgisch staatshoofd, koning Filip, kijken. Dat zei De Wever vanmiddag in De Zevende Dag. Partijgenote Zuhal Demir trad hem later in de uitzending bij. Ze zei dat het hier “hoog tijd” voor was. Tegelijk drukte ze haar spijt uit dat ze als toenmalig staatssecretaris van Gelijke Kansen “niet aanwezig mocht zijn bij de opening van het AfricaMuseum”.

Deze week riep een panel van VN-experts  de Belgische overheid op om zich te verontschuldigen voor de gruwelijkheden van het koloniale bewind in Congo. Premier Michel was naar eigen zeggen “verbaasd” over hun samenvatting van het koloniale verleden. Hij vond het een “raar rapport”“Als je over het koloniale verleden gaat praten, is mijn stelling altijd dezelfde: let op met individuele verantwoordelijkheden te duiden”, zegt De Wever daar nu over. “De wereld is heel erg grijs. Lichtgrijs, donkergrijs, maar zelden zwart-wit. Je moet wel een collectief oordeel durven uitspreken: ‘Hoe hebben wij ons als gemeenschap gedragen in de geschiedenis?’ En daar moet je rekenschap voor geven.”

“Onvermijdelijk naar de figuur van het staatshoofd kijken”

Voor dat rekenschap denkt de N-VA-voorzitter aan het Belgisch staatshoofd, de koning.“Als je over het koloniaal verleden spreekt, dan denk ik dat je onvermijdelijk naar de figuur van het staatshoofd zult moeten kijken. De figuur van Leopold II, dat is onmiskenbaar. Ook in de eigen tijd werd hij al veroordeeld. Als daar een historisch pardon moet uitgesproken worden -want dat lijkt me echt wel aan de orde, aangezien er ontzettend veel mensen zijn vermoord voor geld-, dan denk ik dat we ter hoogte van het staatshoofd moeten kijken om dit uit te spreken. Ik denk ook dat dit inderdaad noodwendig is. Men zal dit moeten doen.”

“Hoog tijd om excuses aan te bieden”

Later in dezelfde uitzending reageerde ook partijgenote Zuhal Demir op de controverse rond het VN-rapport en bekritiseerde ze de premier. “Je kunt op zijn minst zeggen dat je dat bedenkelijk vindt, maar je gaat toch niet zeggen dat dat raar is”, klonk het. “Erkenning is heel belangrijk […] en ik vind dat het hoog tijd is – en de koning heeft zijn kans gemist met de opening van het AfricaMuseum – om excuses aan te bieden.”

Ze betreurde het ook dat ze niet bij de opening van het AfricaMuseum aanwezig mocht zijn. “Als voormalige staatssecretaris heb ik de renovaties van heel dichtbij meegemaakt. Bij de oplevering was ik aanwezig, maar ik mocht niet gaan voor de opening van het museum. Ik vond dat wel een opportuniteit om daar als staatssecretaris iets over [het koloniaal verleden] te zeggen.”

Hernoeming Delwaidedok

De uitspraken van De Wever over dat koloniale verleden kwamen er ook naar aanleiding van de naamsverandering van het Antwerpse Delwaidedok. Historicus Herman Van Goethem bracht net een boek uit over de controversiële oorlogsburgemeester Leo Delwaide, die betrokken was bij de Jodenvervolging. “Een meesterwerk. Iedereen zou dat echt moeten lezen”, zei burgemeester De Wever daarover. “Het is een zeer beklijvende lectuur. Je leest het met de hand voor de mond, sommige passages.” Voor het stadsbestuur was het dé aanleiding om het dok eindelijk te hernoemen, ook al was De Wever er naar eigen zeggen “al heel lang klaar mee en klaar voor”.