In de Brusselse juridische wereld is een relletje ontstaan. Op 2 april treedt in het Brusselse hof van beroep, hetgeen tweetalig is, een nieuwe eerste voorzitter aan. Die persoon heet Laurence Massart. Maar volgens De Standaard zou zij amper een woord Nederlands spreken.

Maar liefst zes onafhankelijke bronnen laten De Standaard weten hoe erbarmelijk het Nederlands van de bijna-voorzitter van het hof van beroep in Brussel. En dat zou haar functioneren in de tweetalige rechtbank wel eens flink kunnen belemmeren, zo vreest men.

Exclusief Franstalige rechter hof van beroep Brussel: Niet illegaal, wel gevoelig én onpraktisch

De aanstelling van Massart is evenwel niet illegaal. De taalwet uit 1935 dat het gebeuren reguleert, bepaalt niet dat de voorzitter van de beroepsrechtbank in Brussel zowel Frans als Nederlands kan. Om alles goed te laten draaien, zoekt men in de praktijk wel altijd naar een taalevenwicht tussen parket en zetel. De Standaard brengt dan ook dat zowel de Nederlandstalige advocaten in Brussel als de Orde van Vlaamse Balies reeds Justitieminister Koen Geens (CD&V) aanschreven over het probleem.

Massart zou echter wel een goeie juriste zijn. “Ze is een uitstekende magistrate”, zo getuigt Peter Callens, stafhouder van de Nederlandse Orde van Advocaten bij de balie van Brussel (NOAB). Intussen zou Massart ook Nederlandse taallessen volgen en plannen om een binoom aan te stellen: een raadsheer die de voorzitter kan bijstaan in Nederlandstalige dossiers.

https://sceptr.net/campaigns/doneer/donate/