De kogel is door de kerk: de drie nationale vakbonden – ACV, ABVV en ACLVB – organiseren op woensdag 13 februari een nationale staking. De reden? Het moeizame overleg met de werkgevers en meer concreet de “magere loonmarge”. “[De hoeraberichten over de economie vertalen zich] niet in hogere lonen en al zeker niet in hogere minimumlonen”, klinkt bij de vakbonden

Hoewel de aangekondigde verstrenging van de werkloosheidsuitkeringen het allicht niet zal halen, ligt er nog een ander dossier op de plank: een nieuw Interprofessioneel Akkoord. In zo’n kaderakkoord bepalen de vertegenwoordigers van de sociale partners onder meer de loonevolutie voor de komende twee jaar.

Het overleg tussen de werkgevers en werknemers verloopt evenwel niet van een leien dakje. Zo hekelen de vakbonden volgens BELGA de “magere loonmarge” en de “starre houding” van de werkgeversorganisatie. Met een nationale staking proberen ze aan de alarmbel te trekken.

Hogere lonen en meer koopkracht

Onder het motto ‘Werknemers verdienen respect’ merken de vakbonden op dat er “de voorbije jaren […] niets dan hoeraberichten [waren] over de economie, over grote jobcreatie [en] over een tekort aan arbeidskrachten. Tegelijk zijn de werkgeversbijdragen verminderd, mogen de werkgevers de indexsprong (jaarlijks) in eigen zak houden en is de vennootschapsbelasting verlaagd voor alle ondernemingen. Maar dat vertaalt zich niet in hogere lonen en al zeker niet in hogere minimumlonen. De nieuwe loonwet van 2016 leidt, met zijn sjoemelsoftware, tot een maximale loonmarge van amper 0,8% voor de komende 2 jaar en maakt zo een interprofessioneel akkoord onmogelijk”, klinkt het in een gezamenlijk persbericht.

De vakbonden vragen onder meer een “betekenisvolle verhoging van de minimumlonen”, een “verhoging van uitkeringen en pensioenen tot minstens boven de armoedegrens” en “betere combinatiemogelijkheden voor werk en privé”. Volgens algemeen secretaris van het ABVV, Miranda Ulens, moeten de werkgevers, als de economie erop vooruitgaat, “in gelijke tred volgen”. Op deze manier doorgaan heeft volgens haar “geen zin”. Hoewel onderhandelingen volgens de vakbonden nog mogelijk blijven, zullen deze moeilijk blijven indien de werkgevers bij hun standpunt blijven.

Bij de werkgevers heeft men weinig begrip voor de staking. “Het vorige interprofessioneel akkoord van 2017-2018 was reeds op de nieuwe wet gebaseerd. Toen was dat wettelijk kader aanvaardbaar, vandaag niet meer”, stelt VBO-topman Pieter Timmermans tegenover BELGA“Onbegrijpelijk”, klinkt het.

Peeters: “Politiek heel gevoelige situatie”

Tegenover VRT-programma ‘Terzake’ beklemtoonde minister van Werk, Kris Peeters (CD&V) dat een loonoverleg iets “typisch […] is dat tussen werkgevers en werknemers moet gebeuren”. Zitten de onderhandelingen helemaal vast, dan kan de regering de sociale partners evenwel een voorstel doen, waarna de sociale partners een maand bedenktijd krijgen. “Na die maand kan een beslissing genomen worden”, lichtte Peeters de procedure toe.

Echter, de huidige regering zit in lopende zaken, iets wat de aanpak van het probleem volgens Peeters bemoeilijkt. “Er zou een koninklijk besluit moeten genomen worden. Dat zal natuurlijk niet alleen in die regering kunnen, daar zal het parlement waarschijnlijk ook zijn inbreng willen doen. En dan komen we tot een heel delicate, een politiek heel gevoelige situatie. Vandaar dat men goed moet begrijpen dat de sociale partners in deze periode van lopende zaken een nog grotere verantwoordelijkheid hebben om er uit te raken”, stelde hij tegenover VRT-programma ‘Terzake’.

https://sceptr.net/campaigns/doneer/donate/