Maandag gaat het assisenproces tegen Mehdi Nemmouche en zijn handlanger Nacer Bendrer van start in Brussel. Dat melden VRT NWS en HLN. De twee radicale moslims met de Franse nationaliteit staan terecht voor de aanslag op het Joodse museum in mei 2014. Daarbij kwamen vier mensen om het leven. Het was de eerste aanslag in Europa die gepleegd werd door een teruggekeerde Syriëstrijder. Het proces staat dan sterk ook in de belangstelling.

Volgens OCAD-topman Paul Van Tigchelt “kunnen we wel stellen dat hij de voorhoede was van de external operations van IS, van een Frans-Belgisch netwerk dat betrokken zou zijn bij de aanslagplannen in Verviers en het netwerk dat betrokken was bij de aanslagen in Parijs en Brussel.”

Portret

Nemmouche werd geboren in 1985 in het Noord-Franse Tourcoing. Zijn ouders verlieten hem toen hij erg ong was en hij kwam in een pleeggezin terecht. Al op de leeftijd van 11, 12 jaar begon het de verkeerde kant op te gaan. Kleine delicten werden steeds erger en op zijn zestiende vloog hij de cel in voor een gewapende overval op twee bejaarden. In de gevangenis, waar hij volgens de sociale assistenten “een zekere autoriteit vindt waar hij zich kan in herkennen” kon hij echter goed gedijen. Tussen 12 en 22 is hij in totaal gekend voor 22 feiten.

In die periode kreeg hij aandacht voor zijn geloof, de islam, en werd hij al snel zeer radicaal. Maar het was tijdens zijn vijfjarige verblijf in de gevangenis van Salon de Provence nabij Marseille dat het serieus werd. Hij begon vijf maal per dag te bidden, liet zijn baard groeien en ging islamitische kledij dragen. Op zijn telefoon stond een foto met door terroristen afgehakte hoofden en hij zocht contact met andere radicale moslims, waaronder Nacer Bendrer, die zijn rechterhand werd.

Toen Nemmouche in december 2012 uit de gevangenis werd ontslagen, nam hij dezelfde maand nog het vliegtuig naar Istanbul, vanwaar hij zich richting Syrië begaf. Daar sloot hij zich aan bij de islamitische terreurgroep IS en werkte hij samen met een groep van Franse IS-strijders. Hij was belast met het bewaken van Europese gegijzelden, waaronder een aantal Franse journalisten. Die laatsten getuigden na hun vrijlating van de erg brutale en bedreigende houding van Nemmouche en ook van diens uitgesproken antisemitisme.

Teruggestuurd met een missie

Slechts een ruim jaar later vertrekt hij al terug uit Syrië. Vermoedelijk zond IS hem uit met een opdracht. Hij dringt na een lange internationale omweg Europa binnen en glipt door de mazen van het net. Hij stond wel geseind bij de Franse politie, maar zonder vraag hem uit te leveren, dus liet de Duitse politie op de luchthaven van Frankfurt hem gaan na ondervraging. Eens in Europa, belandt hij in Brussel, waar hij opnieuw contact zoekt met zijn gevangeniskameraad Bendrer, die ook terug op vrije voeten was. Men neemt aan dat Bendrer toen de wapens leverde die gebruikt zouden worden in de aanslag. Een maand later, in april, zoekt hij Bendrer nog eens op, ditmaal in Frankrijk.

Op 24 mei stapt Nemmouche tenslotte, gewapend met een pistool en kalasjnikov, het Joodse museum in Brussel binnen. Op minder dan twee minuten maakte hij in koelen bloede een einde aan het leven van vier onschuldige burgers. In eerste instantie kon hij ontsnappen. Een week later werd hij echter ingerekend bij een toevallige drugscontrole op de bus in Marseille. In zijn bagage zaten onder meer een fototoestel, wapens, een IS-vlag en munitie.

 

https://sceptr.net/campaigns/doneer/donate/
Inhoud niet beschikbaar.
Accepteer cookies door op Accepteren in de banner te klikken