Slechts 49,1% van de treinen reed in 2018 écht op tijd. Dat wil zeggen dat enkel die treinstellen minder dan één minuut vertraging opliep. Normaliter hanteert de NMBS altijd een marge van zes minuten, maar De Tijd kon nooit gepubliceerde spoorcijfers inkijken waarbij men een veel exacter beeld verkrijgt.

De trein in België is meer te laat dan op tijd. Vooral in de piekuren is de stiptheid van de NMBS abominabel. Des ochtends tussen 6 en 9 uur rijdt amper 40,7 procent van de treinen op tijd, ’s avonds tijdens de piek is dat nog slechts 39,7 procent. Het is enkel in de daluren (50,8%) en tijdens de weekends (58,4%) dat de Belgische treinen meer stipt dan laat rijden.

CD&V wil nieuw beheerscontract met NMBS met betere stiptheidseisen

De cijfers zijn frappant, want de NMBS tracht steeds haar efficiëntie op te smukken door bewerkte cijfers te gebruiken. Hierbij hanteert men een laatheidsmarge van 6 minuten. Maar zelfs op basis van deze cijfers zakte de stiptheid: Van nog 89,2% stiptheid in 2016 (net onder de verwachting van 90%) naar nog maar 88,5% in 2017 tot amper 87,2% vorig jaar. Maar in plaats van tijdiger te rijden, wil de NMBS nu haar stiptheidsdoelstelling van 89 procent naar 88 procent bijstellen, zo liet men afgelopen zomer weten. 88% haalde men echter ook niet in 2018, zoals aangeduid.

En de ‘echte’ cijfers die De Tijd kon bemachtigen, schetsen een nog veel slechter beeld. Bij Infrabel wuiven ze de cijfers evenwel weg. Woordvoerder Frédéric Petit noemt in laatstgenoemde krant het alternatieve stiptheidsrapport, dat vertraging vanaf 1 minuut meet, “interne berekeningen”. “Het enige geldige en officiële cijfer is de norm van 5 minuten en 59 seconden.”

Maar dat ziet niet iedereen zo. “Wat het buikgevoel van menig pendelaar al aangaf, wordt nu ook bevestigd. (Slechts 60,9 procent van de ondervraagde NMBS-reizigers toonde zich tevreden over de Belgische spoorbediening in 2017, red.)”, zo vertelt CD&V-Kamerlid Jef Van den Bergh via BELGA“We zien dat de stiptheid op elk uur van de dag daalt: zowel in de ochtend- en avondspits, als in het weekend en de daluren. De slechte stiptheid kan en mag niet zomaar afgeschoven worden op externe oorzaken.” Dit omdat het laatheidsaandeel veroorzaakt door derden stabiel blijft op 41,5%. Van den Bergh dringt er nu bij bevoegd Mobiliteitsminister François Bellot (MR) op aan om een nieuw beheerscontract op te stellen met duidelijke afspraken rond stiptheid.