De verkiezing van de Franse president Emmanuel Macron (LREM) werd in 2017 nog aangegrepen als argument om te stellen dat de zogenaamde wereldwijde electorale volksopstand afgewend was. Na 2018 houdt dat argument geen steek meer, na de electorale aardverschuivingen in Italië, Oostenrijk en Brazilië. Net als in 2016 daverde ‘het systeem’ het afgelopen jaar op haar grondvesten en het ziet er niet naar uit dat daar in 2019 verandering in komt. 

Na 2016, het jaar van de verkiezing van de Amerikaanse president Donald Trump (Rep.) en de overwinning van het ‘Leave’-kamp in het Brexitreferendum, waren alle ogen het daaropvolgende jaar gericht op de Franse presidentsverkiezingen.  Zou de ‘volksopstand’ zich verderzetten en zou de nationalistische Marine Le Pen (RN) verkozen worden? Met de verkiezing van de ultieme liberale centrumkandidaat Emmanuel Macron (LREM) leek de “populistische golf” afgewend, klonk het bij commentatoren, eurocraten en politici van het ‘establishment’.

Oostenrijk

Daarnaast bleven ook de liberale Nederlandse premier Mark Rutte (VVD) en de Duitse bondskanselier Angela Merkel (CDU) dat jaar in het zadel. Dat nationalistische partijen als de Nederlandse PVV en FvD en de Duitse AfD – die voor het eerst in de Bundestag kwamen – forse winst boekten en dat in beide gevallen de daaropvolgende regeringsvormingen uiterst moeizaam verliepen, werd vaak buiten beschouwing gelaten.

2017 werd daarenboven afgesloten met de verkiezingsoverwinning van de christendemocratische ÖVP en de nationalistische FPÖ in Oostenrijk. De ÖVP deed het tegenovergestelde van de Vlaamse CD&V en schoof stevig op naar rechts onder het voorzitterschap van de jonge Sebastian Kurz. De koerswijziging legde de partij geen windeieren. Beide partijen vormden samen een regering met sterke migratiekritische accenten. 

Italië

Al snel werd duidelijk dat de opluchting van de goegemeente voorbarig was. De grootste ‘schok’ van 2018 waren misschien wel de Italiaanse verkiezingen. De antisysteempartijen, zoals de rechtse Lega en de populistische Vijfsterrenbeweging (M5S), wonnen fors. Het oude establishment werd afgestraft. De Lega dumpte de voormalige premier Silvio Berlusconi (Forza Italia) en ging in zee met M5S. De soevereiniteit zou terug bij de Italianen komen te liggen en niet in Brussel. Lega-leider Matteo Salvini kondigde prompt aan dat het gedaan zou zijn met de eindeloze stroom aan bootmigranten. 

In andere Europese landen zette de trend zich voort. In Tsjechië werd Andrej Babis (ANO) – de ‘Tsjechische Trump’ – verkozen. In Zweden zit de regeringsvorming nog altijd muurvast na de forse vooruitgang van de rechtsnationalistische Zweden-Democraten. In de Beierse deelstaatverkiezingen zette de traditionele machtspartij CSU een historisch slecht resultaat neer, terwijl de AfD er sterk op vooruitging. Voor het eerst in lange tijd is de CSU aangewezen op een coalitiepartner om een regering te vormen. Tot slot zette het migratiekritische en unitaire VOX een zeer sterk resultaat neer in de Spaanse regio Andalusië.

Brazilië

Maar ook buiten Europa wonnen rechtse, migratiekritische of antisysteempartijen aan terrein. In Quebec werd het migratiekritische Coalition Avenir Québec de grote winnaar. Het was de eerste keer sinds 1970 dat Quebec niet door de centrumlinkse regionalistische Parti Québécois of door de Liberalen bestuurd wordt.

De meest opvallende niet-Europese verkiezing was die van Jair Bolsonaro, de ‘Braziliaanse Trump’.  De Braziliaanse kiezer was de door schandalen en corruptie geplaagde – veelal linkse – traditionele partijen duidelijk beu. Bolsonaro beloofde een versoepeling van de wapenwetgeving en een hard politieoptreden tegen de corruptie en de torenhoge criminaliteit.

Gele hesjes

Vooralsnog lijkt het oude adagium, dat machtsdeelname een partij verbrandt, niet op te gaan voor de voornoemde partijen. Integendeel, de Oostenrijker en de Italiaan lusten het beleid van hun nieuwe regeringen. In Italië gaat de Lega er nog steeds sterk op vooruit in de peilingen en in Oostenrijk winnen zowel de ÖVP als de FPÖ.

De onvrede over het beleid van Macron staat in schril contrast met de populariteit van de Italiaanse en Oostenrijkse regeringsleden. In peilingen geeft slechts 21 procent van de Fransen aan tevreden te zijn met het beleid van Macron. Intussen leidden zijn hervormingen tot weken van straatprotest van de ‘gele hesjes’-beweging.

Ook de populariteit van de Duitse bondskanselier Angela Merkel zakte de laatste jaren enorm. Haar critici wijzen daarbij vooral naar haar ‘Wir schaffen das’-uitspraak en de rol die ze speelde in de migratiecrisis. Deze maand trad ze na achttien jaar af als voorzitster van Duitse christendemocratische CDU.

2019

Intussen maken zowel het pro-EU als het nationalistische, EU-kritische kamp in alle alle EU-landen zich op voor de EU-verkiezingen in mei 2019. Terwijl Macron en Merkel zich opwerpen als verdedigers van de gevestigde machten, trachten Salvini en de Hongaarse premier Viktor Orbán (Fidesz) zich te profileren als de uitdagers van het systeem.

De ironie wil dat net diegenen die de EU bekampen omwille van het falende migratiebeleid en de aantasting van de soevereiniteit, de volgende EU-verkiezingen een allure en gewicht geven die ze tot nog toe nooit hadden.

ADVERTENTIE