Het Franse overzeese gebied Nieuw-Caledonië stemde deze zondag over de onafhankelijkheid. De opkomst lag om en bij de 75%. Als het ja-kamp het haalt, zou Nieuw-Caledonië de eerste nieuwe staat worden sinds Zuid-Soedan in 2011. Het referendum is het hoogtepunt van een decennia durende strijd naar meer autonomie. De peilingen voorspellen echter een overwinning voor ‘nee’.

Een overwinning voor het ja-kamp zou een blamage zijn voor Frankrijk. Sinds Djibouti in 1977 koos voor afscheuring heeft de voormalige koloniale supermacht geen overzeese gebieden meer verloren. Bij een onafhankelijk Nieuw-Caledonië zou Frankrijk een belangrijke positie in de Stille Oceaan verliezen net op een moment dat andere landen zoals China hun aanwezigheid er uitbreiden.

De Franse regering houdt zich echter op de vlakte. In mei bracht president Macron een bezoek aan het eiland. Hij erkende toen het “leed van de kolonisatie” en juichte de “waardige” campagne voor autonomie toe die de Kanak gevoerd hadden. De Kanak zijn de oorspronkelijke inwoners van Nieuw-Caledonië. Het eiland wordt momenteel zowel door hen bewoont als door mensen van Europese afkomst. Het zijn vooral de Kanak die onafhankelijkheid verlangen, terwijl de meerderheid der blanken loyaal is aan Parijs.

Van pijnlijke geschiedenis naar vrijheid?

Nieuw-Caledonië heeft inderdaad een pijnlijke koloniale geschiedenis achter de rug. James Cook ontdekte het eiland in de 18e eeuw. In 1853 lijfde Frankrijk het in als een kolonie. De oorspronkelijke Kanak-bevolking moest zich in reservaten ophouden en werd uitgesloten van de economie en mijnbouw. In 1878 brak een eerste opstand uit met meer dan 1000 doden tot gevolg.

Zo’n honderd jaar later, in de jaren ’80, laaide opnieuw het geweld op. Ditmaal gebeurde dat tussen voor- en tegenstanders van onafhankelijkheid. In 1988 zette een slachting in een grot, waarbij 19 Kanak omkwamen en 2 Franse soldaten, de discussie hoog op de agenda. In 1998 sloot men uiteindelijk een akkoord dat voorzag in het huidige referendum. Als de bevolking vandaag een nee-stem uitbrengt, krijgen ze nog twee kansen op een volksraadpleging voor 2022. Ondertussen geniet de archipel al van een aanzienlijke autonomie. Voor zaken als defensie en onderwijs is men echter nog sterk aangewezen op Frankrijk.

Nieuw-Caledonië heeft een van de grootste economieën van de zuidelijke Stille Oceaan, met een BNP per capita dat hoger ligt dan Nieuw-Zeeland. Een groot deel van de economie van de archipel is gebaseerd op toerisme en de ontginning van nikkel. Het eiland bezit naar schatting een kwart van alle nikkelvoorraden ter wereld. Toch ondersteunt Frankrijk de economie nog met 1.3 miljard euro per jaar, iets waar een ja-stem wellicht een einde aan zou maken. Onafhankelijkheid heeft dus ook zo haar prijs.