Als er ooit een waarschuwing was voor wat een ondoordacht beleid met een land kan doen, dan zijn het wel de gebeurtenissen in Venezuela. In 1998 werd Hugo Chavez president met een campagne die inspeelde op het lot van de armen van het land.

De olieprijs steeg onder de eerste zes jaar van zijn bewind van 9 dollar per vat naar 100 dollar per vat. Terwijl het geld binnenstroomt, begint Chavez grote sociale programma’s uit te rollen. Tot grote tevredenheid van de armen die op hem hadden gestemd. De vraag of dit duurzaam was, werd niet gesteld. Dat zou misschien iets te veel zijn om te verwachten van een bevolking in welk land dan ook.

Hubris

Het toekomstfonds dat als een buffer kan functioneren bij dalende olieprijzen werd niet aangevuld. In de eerste regeerperiode van Chavez is er wel sprake van het afbouwen van de afhankelijkheid van de oliesector. Dat idee verdwijnt echter na verloop van tijd uit het beeld. Productieve investeringen in een meer gediversifieerde economie waren vanaf de tweede regeerperiode, startend in 2006, geen prioriteit. De president begint in zijn overmoed over te gaan tot grootschalige nationalisaties van de elektriciteitssector, telecommunicatiesector, banken, cementbedrijven en uiteraard de oliesector. In zijn zondags praatprogramma (dat soms acht uur duurt) ontslaat hij live op televisie managers van het oliebedrijf als ze hem niet langer aanstaan. Honderden bedrijven worden onteigend. De overheidsbureaucratie neemt gigantische proporties aan.

Ondertussen wordt Venezuela meer en meer afhankelijk van import uit de rest van de wereld voor medicijnen, kledij en voedsel terwijl de productiecapaciteit van de eigen economie instort. De buitenlandse schuld loopt op tot recordhoogtes van zesmaal de export en meer.

Olieprijs

Vanaf 2014 begint de olieprijs te dalen waardoor heel de economie terugvalt in haar capaciteit om haar import te financieren. In 2017 bedraagt het bruto binnenlands product nog maar 65 procent van het niveau van 2013. Dat is buiten de prijsevoluties zelf gerekend. Doordat de olie-export per hoofd van de bevolking is gedaald van 2.200 dollar per hoofd naar 1.500 dollar per hoofd, daalt het nationaal inkomen zelfs met 51 procent. Een van de grootste contracties van een nationale economie in de moderne geschiedenis. De voorspelde inflatie voor 2018 was meer dan 1000 procent maar het IMF heeft haar raming ondertussen herzien naar… 1 miljoen procent.

(Lees verder onder de tweet.)

Tussen 2012 en 2017 daalde het minimuminkomen in reële termen met 75 procent en de armoedegraad nam toe van 48 procent in 2014 tot 82 procent in 2016. 74 procent van de Venezolanen verloor ongewenst gemiddeld 8,6 kilogram gewicht. Ondertussen heeft de nieuwe president Maduro zijn corrupte bondgenoten verkozen tot het hooggerechtshof en heeft hij massale fraude ingebracht in het democratisch systeem. Chavez was populair geworden door de ongelijkheid toe te schrijven aan een corrupte elite. Eenmaal verkozen beloofde hij een strijd tegen corruptie maar had geen enkel idee hoe zoiets structureel aan te pakken.

Corruptie

Maduro en zijn bondgenoten exploiteren massaal het wisselkoersmechanisme om henzelf te verrijken. De officiële koers werd op 10 bolivar per US dollar gezet maar op de zwarte markt noteert 1 Amerikaanse dollar aan meer dan 1 miljoen bolivar. Elk cijfer dat we hier schrijven, is zo gauw het er staat hopeloos achterhaald. Vanaf 20 augustus haalt het land vijf nullen van de munt, maar dat zal niet veel opleveren. De corrupte kliek rond Maduro, met inbegrip van politieke bondgenoten en de topchefs van het leger, kan buitenlandse goederen aankopen aan de officiële koers om dan op de zwarte markt te verkopen met massieve winst.

Ondertussen heeft Maduro toegegeven dat het systeem “gefaald” heeft: “De productiemodellen die we tot nu toe hebben uitgetest, hebben gefaald. En de verantwoordelijkheid daarvoor ligt bij ons, bij jou en bij mij.” Hij voegde eraan toe dat zijn partijgenoten moeten stoppen met zondebokken elders te zoeken: “Er is genoeg gejankt. Je zal mij niet zien janken over imperialisme.” De ervaring leert dat zo’n bekentenissen echter zelden een echte ommekeer inzetten maar eerder een vrijgeleide vormen om een variatie van het gefaald beleid los te laten op de beproefde bevolking.

(Lees verder onder de tweet.)

Venezuela is ondertussen een klassieke casus aan het worden over hoe je de grootste economische catastrofe kan aanrichten voor een natie die vervolgens ook politiek implodeert. Soms moet een maatschappij durven innoveren maar Venezuela heeft zich duidelijk aan een experiment te veel gewaagd. En een roekeloos experiment met desastreuze gevolgen voor miljoenen mensen. Een bevolking heeft helaas niet altijd het nodige onderscheidingsvermogen om mooi-pratende maar incompetente politici te detecteren.

ADVERTENTIE