In België genieten professionele voetballers al geruime tijd van uitgebreide fiscale en parafiscale gunstregimes. Zo betalen ze – in vergelijking met gewone werknemers – slechts een kleine fractie aan sociale bijdragen. “Niet meer te verdedigen”, klinkt het bij sp.a-Kamerlid Peter Vanvelthoven in De Standaard.

Profvoetballers moeten in België slechts 20 procent van hun bedrijfsvoorheffing betalen. Daarnaast worden hun sociale bijdragen niet berekend op basis van hun eigenlijk brutoloon maar op basis van een vast brutoloon van 2.281 euro. Het gevolg? Ongeacht hoe hoog hun loon in realiteit is betalen ze maximum 868 euro.

Eerder verdedigde minister van Sociale Zaken Maggie De Block (Open Vld) de (sociale) gunstmaatregelen van de sporters nog door te verwijzen naar het niveau van de Belgische voetbalcompetitie. “Mensen zien graag een aantrekkelijke voetbalcompetitie. Daarvoor heb je goede spelers nodig, een systeem zoals de RSZ-korting kan dan helpen”, klonk het bij de minister. De fiscale maatregelen zouden volgens De Block dan weer nodig zijn om “hun sportcarrière op te starten”.

Vanvelthoven: “Niet meer te verdedigen”

Vanvelthoven kan zich niet vinden in het betoog van De Block. Zo zou de huidige regeling vooral de voetbalclubs ten goede komen. Daarnaast doen volgens hem de grote verdieners er hun voordeel mee. “Voor de lonen die lager liggen dan de loongrens van 2.281 euro per maand, worden de bijdragen berekend op het werkelijke bedrag“, stelt het sp.a-Kamerlid.

In het sp.a-voorstel stipt men ook nog het financiële aspect aan. “Dergelijke gunstmaatregelen voor professionele sporters, die de samenleving jaarlijks zowat 150 miljoen euro kosten en waarvan het gros naar de voetbalploegen in eerste klasse en de lonen van hun voetballers gaat, zijn niet meer te verdedigen”, citeert De Standaard uit het voorstel.