Over de vervanging van de F-16’s is al veel inkt gevloeid en zal nog veel inkt vloeien. Tot dusver trokken vooral procedurele elementen de aandacht en werden de strategische elementen onderbelicht. De beloofde transparantie van Defensieminister Steven Vandeput (N-VA) beperkt zich immers tot de gehanteerde procedures en zwijgt over de strategische achtergrond.

Bij de zoektocht naar een vervanger voor de huidige F-16, deed en doet Defensieminister Steven Vandeput al het mogelijke om de procedure zo transparant mogelijk te laten verlopen. Onlogisch is dit geenszins. Zo staan er voor 3,6 miljard euro aan directe investeringen op het spel. Dit noopte verschillende vliegtuigfabrikanten er al toe om meer dan hun beste beentje voor te zetten.

Daarbovenop toonde het verleden al – denk maar aan het Agustaschandaal van in de jaren negentig – dat corruptie in dergelijke dossiers niet is uitgesloten. Een gewaarschuwd man is er echter twee waard, lijkt Vandeput te denken. Het gevolg: een transparante procedure waarbij zelfs het lastenboek online raadpleegbaar is. Zo transparant de procedure is rond de opvolging van de F-16, zo ‘duister’ zijn de strategische overwegingen van Vandeput en de Belgische luchtmacht.

Ontwijkende antwoorden rond F-16

Gevraagd naar de noodzaak achter de nieuwe gevechtsvliegtuigen, beklemtoonde Vandeput tegenover VRT-journalist Jens Franssen herhaaldelijk de noodzaak van bijkomende investeringen. Zowel de veranderde veiligheidscontext als de NAVO zouden dit volgens de minister vereisen. Hoewel Vandeput zeker een punt heeft dat de NAVO bijkomende militaire investeringen verwacht, is het niet zo dat het bondgenootschap zich uitspreekt over concrete bestedingen. Nationale beleidsmakers kunnen zelf beslissen wat nodig en wenselijk is. Over welke alternatieven en keuzes er precies te maken zijn, spreekt Vandeput zich evenwel niet uit.

Het ontwijken van de diepere, strategische, zaak over ‘hoe’ die investeringen precies moeten gebeuren, kan nadelig uitpakken. “Naast het strikt volgen van procedures is het ook nodig om op strategisch niveau een coherent lange-termijn-verhaal te hebben, indien we niet willen dat deze investering slechts beperkte voordelen of zelfs nadelen met zich meebrengt”, licht Sim Tack, militair analist bij het Belgische inlichtingenbedrijf Force Analysis toe.

Afhaken kandidaten als voorbeeld

Tegenover Franssen stelde Vandeput dat de oorzaak waarom de andere kandidaten – denk maar aan Saab en Boeing– afhaakten “niet relevant” is. Dat is nogal een boude bewering. De andere vliegtuigproducenten haakten immers niet af omdat ze ‘geen zin’ hadden in een samenwerking met de Belgische regering, maar omdat ze niet aan de door de beleidsmakers opgestelde eisen konden voldoen.

Hoewel beleidsmakers evident het recht hebben om bepaalde kwalificaties te eisen, laten de huidige – zeer specifieke – voorwaarden maar weinig opties over. Zo moest de Zweedse vliegtuigproducent Saab afhaken onder meer omwille van de specifieke vraag naar het dragen van nucleaire wapens.

Dat minister Vandeput tegenover Franssen echter stelde dat het nucleaire element geen criteria van evaluatie is, klopt niet. Zo schreef De Standaard eerder dat het kunnen uitvoeren van conventionele én nucleaire taken wel degelijk een criteria is voor de opvolger van de F-16. In de aan de krant gelekte nota van het kabinet-Vandeput viel onder meer te lezen dat het voor de opstellers vaststond dat België “wil deelnemen aan de nucleaire capaciteit van de NAVO”. Het gevolg: de opgelegde eisen wijzen automatisch naar de F-35.

De gevolgen hiervan zijn echter ingrijpend. Zonder strategisch debat en of transparantie dreigt België voor een veel duurdere optie te kiezen en een luchtcapaciteit te ontwikkelen die normaliter enkel grotere staten (kunnen) onderhouden. Daarnaast is het ten zeerste de vraag of de Belgische belangen en capaciteiten daarvoor een draagvlak hebben.

Kiezen tussen de pest en cholera?

Volgens militair analist bij het Belgische inlichtingenbedrijf Force Analysis, Sim Tack, spelen er nog andere strategische overwegingen mee. “Nu de F-16 toestellen het einde van hun levensduur benaderen, moeten wij een keuze maken tussen ofwel overschakelen naar de nieuwste generatie vliegtuigen in de Amerikaanse ontwikkelings-stamboom, waar we ons dus in het verleden steeds in bevonden hebben, of moeten we de sprong maken naar de Europese ontwikkelings-stamboom. In principe is de keuze tussen de huidige overgebleven kandidaten, de Eurofighter Typhoon en de F-35, de vertegenwoordiging van die twee takken”, licht Tack toe aan SCEPTR.

(Lees verder onder het uitgelicht artikel.)

Boter bij de vis: Frankrijk wil investeren als België Rafale koopt

Geen enkele keuze is evenwel perfect, stelt hij. “Bij de Amerikaanse tak zitten we met het probleem dat Amerika de ontwikkeling van zijn toestellen in een zeer specifieke richting geduwd heeft, waar ze met extreme technologische suprematie – maar met hoge kost en grote technologische uitdagingen – hun tegenstanders pogen voor te blijven. Bij de Europese tak zitten we met het nadeel dat wij op een ander tijdschema zitten”.

Schakelen we nu gewoon over, dan komen we volgens Tack vast te zitten “aan wat tijdens de tweede helft van de levensduur van onze toestellen slechts de voorlaatste generatie zal zijn. De huidige generatie Europese toestellen – en dan heb ik het voornamelijk over de Rafale en de Eurofighter Typhoon – werden reeds 20 jaar geleden ingevoerd, en de opvolger ervan waar Frankrijk en Duitsland nu over onderhandelen zal pas ten vroegste rond 2040 in dienst genomen worden. Indien wij wel mee zouden willen naar dat toestel in 2040, dan moet er natuurlijk nagedacht worden over hoe we de tijd overbruggen tot dan zonder volledig te investeren in een nieuw toestel dat nog ver voorbij 2040 zal meegaan”.

Als gevolg hiervan is de strategische vraag volgens Tack als volgt: “op welk ontwikkelingsschema willen wij ons op lange termijn plaatsen, in welke mate willen wij daar actief aan mee ontwikkelen of puur gebruiker blijven, en op welke manier kunnen we die overgang naar de volgende fase het meest efficiënt uitvoeren?”