Als antwoord op de veronderstelde inmenging van Rusland in de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016, leggen de Verenigde Staten nieuwe economische sancties op. Washington neemt zo een harder standpunt in ten opzichte van Moskou, ondanks het verlangen van Amerikaans president Donald Trump om de banden met Rusland te verbeteren. Critici vinden dat de sancties niet zwaar genoeg wegen, omdat de zakelijke belangen van Russisch president Vladimir Poetin grotendeels buiten schot blijven. Tevens heeft de Amerikaanse president, via zijn advocaat, opgeroepen om het onderzoek naar mogelijke coördinatie tussen zijn campagne en Moskou te sluiten.

Het Amerikaanse ministerie van Financiën richt het vizier op negentien personen en vijf instellingen uit Rusland, waaronder twee militaire inlichtingendiensten. De sancties hebben specifiek betrekking op beschuldigingen van cyberactiviteit en verkiezingsinmenging. Concreet houden deze sancties in dat het voor Amerikanen verboden is om zaken te doen met de beschuldigde Russen, waarvan Financiën hun vermogen en bezittingen zal bevriezen. Bepaalde geviseerde bedrijven en individuen zijn al aangeklaagd door Robert Mueller, de speciaal aanklager die mogelijke banden onderzoekt tussen de Trump-campagne en de Russische verkiezingsinterventie. Zoals onder andere het aan het Kremlin gelieerde ‘Internet Onderzoek Agentschap’ (Internet Research Agency), dat naar verluidt nep-accounts voor sociale media heeft gebruikt om de publieke opinie te beïnvloeden.

Sancties als antwoord op Russische cyberaanvallen tijdens verkiezingen

De sancties treffen verder twee Russische inlichtingendiensten – de federale veiligheidsdienst FSB en de militaire GROe – die volgens Washington verantwoordelijk zijn voor hacking en de wereldwijde cyberaanval ‘NotPetya’. Bij de NotPetya-cyberaanval werden overheidsinstanties en bedrijven het slachtoffer van een grootschalige ransomware-aanval. De NotPetya-cyberaanval maakte gebruik van een veiligheidslek in verouderde en niet geüpdatete Windows-systemen. Wie te maken kreeg met deze ransomware had geen toegang meer tot hun systeem.

“De regering confronteert en bestrijdt kwaadaardige Russische cyberactiviteiten, waaronder hun poging tot inmenging in Amerikaanse verkiezingen, destructieve cyberaanvallen en inbraken gericht op vitale infrastructuur”, zei Amerikaans minister van Financiën Steven Mnuchin. Die cyberaanvallen waren ondermeer gericht op het Amerikaanse elektriciteitsnet, inclusief nucleaire faciliteiten.

Critici: sancties zijn ‘te beperkt’

Hoewel de houding van Trump ten opzichte van Rusland strenger is geworden, blijft het onduidelijk of dit harde optreden een langetermijnvisie vertegenwoordigt. Sommige critici zijn van mening dat de zenuwgifaanval op de voormalige Russische dubbelspion Sergei Skripal en zijn dochter nog een reeks sancties verdienen. Poetin heeft elke betrokkenheid bij die vergiftiging ontkend. Nadat het Witte Huis aanvankelijk terughoudend was om Moskou ervan te beschuldigen deze chemische aanval beraamd te hebben, sloot de regering Trump zich toch aan bij een verklaring van de leiders van Groot-Brittannië, Frankrijk en Duitsland waarin ze zeiden dat ze “de aanval van Rusland verafschuwen”.

Senator Robert Menendez, een Democraat die zetelt in de Amerikaanse Senaatscommissie voor Buitenlandse Zaken, merkte op dat de administratie niet voldaan heeft aan zes andere verplichte bepalingen uit een goedgekeurde wet, inclusief straffen die van invloed zijn op de Russische defensie en andere industrieën.

Toch liet minister van Financiën Mnuchin de deur open voor mogelijk verdere sancties: “Deze gerichte sancties maken deel uit van een bredere poging om de voortdurende schandelijke aanvallen vanuit Rusland aan te pakken. Financiën is van plan extra CAATSA-sancties op te leggen, op basis van info uit onze inlichtingengemeenschap, tegen Russische overheidsfunctionarissen en oligarchen die aansprakelijk gesteld zullen worden voor hun destabiliserende activiteiten. Hun toegang tot het Amerikaanse financiële systeem zal worden geblokkeerd.”

Inhoud niet beschikbaar.
Accepteer cookies door op Accepteren in de banner te klikken

Nieuwe wending in Rusland-onderzoek

Alhoewel de inlichtingencommissie van het Huis van Afgevaardigden geen bewijs gevonden heeft van samenspanning tussen het team van president Trump en Rusland, zet speciaal aanklager Mueller zijn onderzoek onverminderd voort. Volgens een verslag van de New York Times heeft Mueller een dagvaarding tegen de Trump Organization verstuurd, dit met de eis om documenten over business deals met Russen te bezorgen aan zijn onderzoeksteam.
In juli vorig jaar waarschuwde president Trump de speciaal aanklager Mueller er nog voor dat hij “een rode draad zou overschrijden” mocht het onderzoek afdwalen naar de financiën van de familie Trump. Het lijkt erop dat die rode draad nu definitief overschreden is, want inmiddels heeft de persoonlijke advocaat van Trump een oproep gedaan aan plaatsvervangend minister van Justitie Rod Rosenstein om het onderzoek van Mueller stop te zetten.
Enkele uren later reageerde Trump op Twitter. Opnieuw bestempelde de 45ste Amerikaanse president het onderzoek van Mueller als een “heksenjacht”, gezien het dossier dat aan de basis lag van Mueller’s onderzoek gefinancierd werd met geld van de Democratische partijtop en zijn tegenstander in de verkiezingen van 2016, Hillary Clinton (Dem.). De voormalige Britse spion Christopher Steele stelde namelijk dat dossier op, in opdracht van commercieel onderzoeksbedrijf Fusion GPS die op hun beurt werkten voor de Clinton-campagne.

Eugene Rumer, een voormalige Amerikaanse nationale inlichtingenofficier die zich toespitste op Rusland, verklaart dat de houding van Trump uiteindelijk afhangt van de ontwikkelingen in het onderzoek van speciaal aanklager Mueller.
“Mijn hypothese is dat de houding van het Witte Huis ten opzichte van Rusland voor een groot deel zal worden bepaald door de mate waarin ze denken dat het onderzoek hun politieke positie bedreigt,” aldus Rumer.