De Europese commissie is van plan om tot 2,8 miljard euro extra te vragen van België voor haar financiën de komende jaren. Dat zegt een ongeruste minister van begroting Sophie Wilmès (MR) in een interview in Le Soir“Om hetzelfde niveau van engagementen te handhaven, heeft men ons gezegd dat de lidstaten hun rechtstreekse bijdrage moeten optrekken van 1% naar 1,2% van hun bbp.”

De Europese ministers van begroting kwamen vorige vrijdag bijeen in Sofia, Bulgarije. Dit om het financiële plan van de EU voor de komende jaren te bespreken, met name de periode van 2021 tot 2027. Federaal minister van Begroting Sophie Wilmès (MR) was aanwezig namens België.

Twee concrete uitdagingen dringen zich op. Enerzijds is er de budgettaire leemte die het vertrek van het Verenigd Koninkrijk achterlaat – hun bijdrage aan de EU is 11 miljard euro. Daar komt nog bij dat “als de Brexit hard is, we economisch bijzonder hard getroffen zullen worden”, aldus Wilmès. Anderzijds moet men een manier vinden om nieuwe EU-politiek te bekostigen, onder andere op vlak van migratie en veiligheid.

Op dit moment draagt België al jaarlijks 5,5 miljard bij aan de EU-begroting. Dat bedrag zal wellicht de hoogte ingaan de komende jaren. Wilmès verwacht echter niet dat de bijdrage werkelijk met 2,8 miljard zal stijgen, maar schat het eindbedrag op zo’n 800 miljoen euro extra per jaar, de helft voor de Brexit, de andere 400 miljoen voor nieuw beleid.

N-VA: EU moet eerst besparen

Vanuit de N-VA reageert men afwijzend. “N-VA wil dat de EU eerst bespaart en zijn middelen efficiënter beheert, in plaats van extra geld te vragen aan die landen die nu al meer bijdragen dan ze terugkrijgen van de EU”, aldus Europees Parlementslid Sander Loones. “Andere nettobetalers, zoals Nederland, Oostenrijk, Zweden en Denemarken weigeren alvast meer te betalen”.

Loones klaagt verder aan dat men bij de EU steeds om “meer Europa” en “meer belastinggeld” vraagt en hij roept de EU op tot “echte keuzes”. “De Europese burgers pikken dit steeds minder. Zij vragen een beleid dat wél tegemoet komt aan hun eisen van vandaag en hun verwachtingen voor morgen. En dus zal de EU bepaalde uitgaven moeten stoppen, om andere te kunnen doen.”

ADVERTENTIE