Het lijkt merkwaardig dat minster van Defensie Steven Vandeput (N-VA) niets afwist van de geheime rapporten over de levensduur van de F-16’s. Al in 2016 interpelleerde Karolien Grosemans (N-VA) haar partijgenoot hierover. Dat bericht De Tijd

“Er zijn beweringen over geheime rapporten van Defensie”, zei Grosemans in de Kamercommisie Defensie eind mei 2016. “Defensie zou rapporten verbergen omdat het absoluut wil vermijden dat de wereld op de hoogte is dat de levensduur van de F-16’s wel kan worden verlengd.”

John Crombez (sp.a) kwam deze week naar buiten met geheime rapporten en e-mails waaruit bleek dat de legertop informatie had achtergehouden over een mogelijke verlenging van de levensduur van de Belgische F-16’s. Minister Vandeput beweerde dat hij “met de hand op het hart kon zeggen” dat hij van niets wist en sprak van een “zware inschattingsfout” dat de rapporten niet naar hem of de Chef Defensie zijn doorgestroomd.

Door de tussenkomst van Grosemans in de Kamercommissie komt zijn bewering echter op losse schroeven te staan. Vandeput was hierdoor immers wel degelijk al met de hele zaak geconfronteerd geweest. Zijn reactie was toen dat de levensduur van de F-16’s niet verlengd kon worden. “Ik ben enorm blij met dit heel duidelijke antwoord dat de F-16’s […] niet kunnen worden verlengd. Een update is niet mogelijk want die is niet rendabel en zou maar een uitstel van enkele jaren zijn”, aldus Grosemans. “Ik hoop dat die spookverhalen nu eindelijk kunnen stoppen”.

Ter verdediging van zijn minister, sluit N-VA-voorzitter Bart De Wever niet uit dat de informatie over de studie van Lockheed Martin over de verlengde levensduur van de F-16’s niet relevant genoeg was om door te stromen tot de legerleiding. Het zou enkel over de “carrosserie” gaan, stelt Vandeput. En dat wil zeggen dat het niet zomaar duidelijk is of de toestellen nog veel langer inzetbaar zijn. Vandeput haalt de Spitfire aan als voorbeeld. “[Dat is] een mooi toestel uit de Tweede Wereldoorlog en vliegt vandaag ook nog rond. Maar niemand wil het inzetten in de strijd tegen Islamitische Staat.”