Rusland is voortdurend in het nieuws – sinds de problematiek rond het Nederlands-Russische vriendschapsjaar zijn de onderlinge betrekkingen tussen deze landen voortdurend in de media. Of het nu ging over het anti-Russische optreden van Europarlementsleden Hans van Baalen (VVD) en Guy Verhofstadt (Open Vld) in Oekraïne en het aanverwante referendum, het oppakken van de bemanningsleden van een Greenpeace-boot, het afranselen van een Nederlandse diplomaat in Rusland of een inval bij een Russische diplomaat in Den Haag – het hield niet op.

De uitspraak van de afgetreden minister Halbe Zijlstra (VVD) – dat hij in de datsja van Poetin aanwezig was en hem daar hoorde spreken over de ambities van ‘Groot-Rusland’ – voegt een nieuwe bladzijde toe aan het dossier. En dit in een tijd waarin de kranten bolstaan van berichten over Russische hackers, Russische verkiezingsmanipulatie en Russische nepnieuwsverspreiding in het Westen.

‘Invoeling’ boven verstand gesteld

Waarschijnlijk steekt achter de val van Zijlstra vooral onbenulligheid. Het is bij de VVD nu eenmaal een richtlijn om kiezers meer op emotie aan te spreken dan voorheen het geval was. Om met een meer invoelend taalgebruik de kiezersdoelgroep breder te maken dan vooral ‘rationeel ingestelde mannen’ – deze richtlijn is ingezet sinds het Haya-jubileum op 12 september 2015. “Maak het persoonlijk!” is sindsdien het uitgangspunt. Waarschijnlijk wilde Zijlstra een betoog houden over geostrategische verhoudingen, maar liet hij zich vanuit deze richtlijn verleiden om zichzelf het verhaal in te schrijven. Zoals gezegd is ‘nepnieuws’ een thema op de politieke agenda geworden: men kan vandaag niet wegkomen met wat vroeger een fantasievolle aandikking had geheten.

Zijlstra’s falen zal al met al berusten op een pijnlijke inschattingsfout. Het voorval past perfect in de ‘omkering van allianties’, die ik ook aanstipte in een voordracht bij Leefbaar Rotterdam. Vroeger was rechts paranoïde over Russische inmenging – zie de Amerikaanse senator Joseph McCarthy (Rep.) en de ‘red scare’ – vandaag uit vooral links zich nogal Russofoob. Mogelijk speelt mee dat Rusland het communisme verloochende. Tegelijk zet links de Amerikaanse ethische discussies over naar Europa, zoals over slavernij, slavenhandel en ‘institutioneel racisme’. “Als u een man in een wit pak met een puntmuts ziet”, zo zei partijvoorzitter Jesse Klaver (GroenLinks) onlangs tegen de nationaal-conservatieve Thierry Baudet (FvD), “Dan zegt u: ‘KKK’? Welnee! ‘Dat is een tuinkabouter’.”

(Lees verder onder de tweet/video.)

Rechtse politici wenden zich tot Rusland

Niemand wees er echter op dat de KKK in Europa nooit een thema was, totdat Klaver dit ervan maakte. In de Volkskrant deed oud-Europarlementslid voor LDD Derk Jan Eppink zoals we van hem gewend zijn weer een pientere constatering:

“Opmerkelijk is dat Russofobie ooit een rechts verschijnsel was dat nu van links komt. De ‘Sovjet-dreiging’ werd afgebeeld met een negatief imago van ‘de Rus’; de ‘bad guy’ tegenover James Bond. Tijdens de Koude Oorlog heette het: ‘liever een raket in de tuin dan een Rus in de keuken’. […] Nu predikt de (uiterst) rechterzijde ‘begrip’. Sommigen noemen zich ‘Putinversteher’, zoals professor Alexander Gauland van de Alternative für Deutschland (AfD). Marine Le Pen ontving voor haar Front National zelfs een lening uit Moskou.”

Deze mensen richten zich tot Rusland omdat ze zich door de instituties in hun eigen land gemarginaliseerd weten en in die zin met hun rug tegen de muur staan. De meer verzoenende houding ten aanzien van Rusland schijnt ook door in het werk ‘Permafrost’, van de uitgever Tom Zwitser. Belangwekkend is het aanbevelende citaat van prof. David Engels, die deze omkering van bondgenootschappen consequent doortrekt. Volgens Engels is de Koude Oorlog in 1989 niet gestopt, maar gaat deze tot de dag van vandaag door als een vastberaden strijd van de geglobaliseerde elite tegen de laatste verdedigers van traditie, grenzen en de burgerlijk-nationale cultuur.

(Lees verder onder het uitgelicht artikel.)

Koude Oorlog terug van (nooit) weggeweest in Europa

Inhoud niet beschikbaar.
Accepteer cookies door op Accepteren in de banner te klikken

Frankfurter Schule en Oswald Spengler delen een analyse

Afsluitend kunnen we terugdenken aan een brief die Guus Lodeizen ooit schreef aan zijn zoon Hans, de bekende dichter. Zelfoverstijging was volgens hem onmogelijk onder de banier van het Amerikanisme, waar de “massaproductie van koelkasten als cultureel hoogtepunt gold”.

Hier komen de nationaal-conservatieve cultuurkritiek van historicus en filosoof Oswald Spengler en de afkeer van de massaconsumptiemaatschappij uitgedrukt door de marxistische Frankfurter Schule tot een vergelijk. Westerse communisten zagen in het autoritaire leiderschap van Rusland een weg om het kapitalisme af te schaffen; Westerse conservatieven hoopten dat de aristocratisch-hiërarchische ziel van Europa onder het Russische bewind gespaard zou blijven. Na de val van de Sovjets zou deze ziel kunnen herrijzen vanuit Centraal-Europa, terwijl West-Europa onder invloed van Amerika decadent en hedonistisch werd.

Zaad voor de omkering van allianties

Deze analyses bevatte het zaad voor de omkering van bondgenootschappen die zich vandaag voltrekt. Behouders van de nationaal-burgerlijke cultuur: kritisch ten aanzien van de VS, welwillend tegenover Rusland. Activistische minderheidsgroepen en linksliberale multinationals zijn daarentegen cultureel georiënteerd op de VS: zij zetten zich juist af tegen Rusland. Vanuit deze nieuwe werkelijkheid krijgt de Koude Oorlog een nieuw interpretatie: zij was eigenlijk altijd al een strijd van kapitalistische globalisten tegen het Europa van tradities en cultureel zelfbewustzijn.

https://sceptr.net/campaigns/doneer/donate/