Berlijn is niet opgezet met het Turkse offensief in het noorden van Syrië tegen de Koerden, zo blijkt. Der Spiegel brengt dat de Duitse regering van lopende zaken op het punt staat om de geplande updatelevering van de Turkse Leopard-tanks op te schorten. Turkije maant Duitsland aan om “solidair” te zijn met hun Turkse bondgenoot.

De regering van lopende zaken in Duitsland wil na de Turkse excursie in Afrin tegen de Koerden de tanklevering met Leopard-upgrades opschorten. Donderdag zouden huidig bondskanselier Angela Merkel (CDU) en de Duitse minister van Buitenlandse zaken Sigmar Gabriel (SPD) overeen zijn gekomen dat wapenlevering aan Ankara enkel kan verricht worden vanaf er een nieuwe regering is. De CDU en de SPD zijn momenteel verwikkeld in formatiegesprekken na de verkiezingen in Duitsland afgelopen september.

“Grote zorgen”

“De federale regering maakt zich grote zorgen over het militaire conflict in het noorden van Syrië, zo zei Gabriel in Der Spiegel. “Wat het huidig debat inzake wapenexport betreft, is het duidelijk voor de federale regering dat we geen wapens kunnen leveren aan conflictgebieden”. En nog: “De federale regering is het er [verder] over eens dat we niet zullen vooruitlopen op de uitkomst van de hangende coalitieonderhandelingen en zullen wachten met kritieke projecten tot een nieuwe regering is gevormd”.

Turkije wachtte niet lang met een reactie. Mevlüt Cavusoglu, de Turkse minister van Buitenlandse Zaken, zei dat Turkije “steun en solidariteit verwacht van de Duitse bondgenoten”. Eerder vorig jaar lagen Turkije en Duitsland in conflict rond de propagandabezoeken van Duitse politici aan de Turkse gemeenschap in Duitsland. De regering van Turks president Recep Erdogan wou namelijk zoveel mogelijk stemmen ronselen voor het referendum in april 2017 dat hem meer macht verschafte. Ook vorig jaar ging de Duitse luchtmacht over tot het terugtrekken van eenheden uit de Incirlik-luchtmachtbasis in Turkije.

Afrin

Zaterdag startte het Turkse leger ‘Operatie Olijftak’. Turkije zette het offensief in met hevige artilleriebombardementen en luchtaanvallen op de Syrisch-Koerdische YPG-milities. Volgens Turkije is het Vrije Syrische Leger op het terrein ook betrokken bij de gevechten, aan de kant van Turkije. De aanvallen volgden na wekenlange waarschuwingen van president Erdogan en zijn ministers tegen de YPG in Syrië. Turkije beschouwt de YPG als verbonden aan de omstreden Koerdische Arbeiderspartij (PKK). Ankara vreest voor de oprichting van een autonome Koerdische staat aan de Turkse zuidgrens met Syrië.

In een verklaring communiceerde het Turkse leger dat het de operatie in Afrin was begonnen om de grens van Turkije veilig te stellen en “terroristen te verbannen […] en vrienden en broeders, de mensen in de regio, te redden van hun wreedheid”.